| Publicatie |
|
10 vragen over België 1.Gegeven dat men tegen een democratische solidariteit van Vlaanderen met Wallonië is (ttz door de Belgische SZ), waarom moet Oost-Vlaanderen dan solidair zijn met Limburg? Waarom pleit men voor Vlaamse onafhankelijkheid en niet voor Limburgse of Brabantse? 2. Waarom desintegreren staten als Duitsland, Frankrijk en Italië niet onder invloed van de theorie van het Europa der regios? Als men voor regionalisme is, waarom is men dan voor een unitaire republiek Vlaanderen? Indien zo, waarom is men dan tegen een unitair België? 3.Waarom wil men in Europa nog een grens bijtrekken wanneer de grenzen binnen de EU verdwijnen? Zou men ook voor de splitsing van België zijn, indien alle Walen Nederlands als moedertaal hadden? (of vice-versa)? 4. Zijn eigen wetten, maatregelen en belastingen noodzakelijk beter, rechtvaardiger en eerlijker? Zorgen splitsingen automatisch voor een beter bestuur, zoals sommigen doen uitschijnen? 5. Als België een kunstmatige staat is, welke staten zijn dan natuurlijk? 6. Waarom is men tegen meertalige Belgische partijen en voor meertalige Europese fracties of partijen? 7. Ligt de toekomst van de mensheid in eentalige staten? Wat gaat men dan doen met Europa, waar slechts twee eentalige staten zijn? Zijn de nationalisten die eentalige staten willen er zich van bewust dat zij de facto voor het Belgique à papa van de XIXe eeuw (één natie = één taal= een volk) zijn dat ze bestreden hebben? Druist het concept van taalnationalisme niet in tegen de oorspronkelijke beginselen en bestaansreden van de Vlaamse Beweging? 8. Waarom zijn de provincies geen goede entiteiten om de nationale wetgeving uit te voeren i.p.v. de gewesten? Waarom zou een provinciale decentralisatie het probleem van de bipolariteit niet oplossen? Willen nationalisten daarom niet de provincies afschaffen? 9. Zal een onafhankelijk Vlaanderen geen nieuwe tegenstellingen kennen tussen gelovigen en vrijzinnigen of tussen democraten en racisten enz. ? Waarom wil men met sommige tegenstellingen leven en met andere niet? Zoeken bepaalde politici niet voortdurend naar tegenstellingen in de maatschappij, nieuwe of oude? 10. Indien men erover bekommerd is dat een zogezegde Waalse minderheid een Vlaamse meerderheid kan blokkeren (migrantenstemrecht), aanvaardt men dan ook de wil van de Vlaamse meerderheid over België, t.t.z.: 90% tégen de splitsing van het land? Waarom pleiten separatisten nooit voor een referendum? Vrezen ze de wil van het eigen volk? |
| [Ga terug] |
| Publicatie |
|
Salonflamingantisme in de praktijk Het laatste jaar heeft de N-VA een complete metamorfose ondergaan. Het beste voorbeeld is ongetwijfeld de eis tot splitsen van de kieskring Brussel-Halle-Vilvoorde. Nu, bijna zes maanden na de verkiezingen van 13 juni, is de splitsing nog geen feit, hoewel de N-VA dat toch 'onverwijld' beloofd had. Kris Van Dijck (N-VA) stak dat in zijn persbericht van 20-09 op de "Belgische vaudeville". Erg lachwekkend is het getrainde bochtenwerk, want volgens hem is het de schuld van iedereen, behalve van de N-VA. Zo heeft hij het over "bepaalde krachten", en "verborgen agenda's". Waarom niet meteen "verborgen krachten"? Dat klinkt nog mysterieuzer. Of misschien herinnert u zich nog het verkiezingsspotje dat voor de federale verkiezingen (2003) werd ingezet. Daarin verklaarde Geert Bourgeois het volgende: "We zouden natuurlijk kunnen kiezen voor ons eigen comfort, door aan te sluiten bij een grote partij bijvoorbeeld. Maar dan is er geen rechtlijnige Vlaamse partij meer, en die is er nu meer dan ooit nodig". Nog geen jaar later ging Bourgeois met toenmalig CD&V-voorzitter Yves Leterme affiches plakken... Op de onderstaande link kan u dat filmpje nogmaals bekijken: [klik hier om het filmpje te bekijken] De N-VA heeft te kampen met een terechte faalangst. De aandacht rond Vlaamse thema's wordt op allerlei manieren afgeleid door bv.: het oprichten van nutteloze websites (Mark Demesmaeker's site: http://www.geen200jaar.be), uit te roepen dat onze Belgische kust niet langer Belgisch genoemd mag worden, zinloze protestacties tegen leden van het Belgisch Vorstenhuis, het maken van reeds lang achterhaalde studies... Maar over Brussel-Halle-Vilvoorde geen woord meer! De enige reden voor deze vorm van salonflamingantisme is machtsgeilheid. De N-VA houdt zich onder de beschermende vleugels van de CD&v nog even gedeisd. Daarna zal het ongetwijfeld met het Vlaams Belang collaboreren. En wat de N-VA-kiezers daar ook van denken, dat zal hen, net zoals op 13 juni, een worst wezen!
|
| [Ga terug] |
| Publicatie |
|
Facelifts en politiek: ...le nouveau Blok va arriver... Het Blok wil aan de macht, zoveel is wel duidelijk. Het Blok wil zohard aan de macht, dat ze zelfs hun grondbeginselen aanpassen. Meer nog, vanaf dinsdag krijgt de partij misschien wel een nieuwe naam: "Vlaams Belang" wordt veelal geopperd, en voor de eerstemaal in hun bestaan wordt de Voorzitter des Levens per stemming aangeduid. Alleszins krijgt de partij een geheel nieuwe verpakking, wat velen zal doen geloven dat de partij plots ook een heel nieuwe ideologie zal kennen. Maar uiteraard, na een facelift zijn de oneffenheden verdwenen, maar er schuilt dezelfde persoon achter het egale gezicht. Achter het Blok schuilen ook nog dezelfde mensen: Vanhecke die bepaalde bevolkingsgroepen in Borgerhout vergelijkt met apen, Dewinter, die in hitlergroet een eed aflegt... Diezelfde Dewinter die dreigt met een "Ghandiaanse" revolutie mocht de democratie Elio Di Rupo aanduiden als regeringsleider. Het zijn tevens de mensen die na het beruchte arrest-Blok verklaarden dat de echte basis van het programma nooit zal veranderen: België Barst en Vreemden Buiten - om het in de Blokachtige sloganeske woorden te brengen. Gelukkig ziet éénieder in dat het vervangen van het "oranje boekje" bij het Vlaams Blok, de mandatarissen van deze partij niet zal veranderen. Ideeen verander je niet op papier, ideeen moeten in je hoofd veranderen, en moeten in je hoofd willen veranderen, en er is reden tot twijfel wat betreft de wil om te veranderen bij de Vlaams Blokkers. Toch kan dit het einde van ons land betekenen. Nieuwe statuten betekent misschien het einde van het cordon sanitaire . Buiten dat zal het de deur openzetten voor Jean-Marie Dedeckersen, Hugo Coveliersen, en de vele stedelijke mandatarissen van verschillende partijen om stevige coalities te vormen met... het Blok. Te hopen dat deze mensen zullen nadenken, en zich de woorden van de Vlaams Blok-babe Vandermeersch herinneren: "Als wij in de federale regering komen, zal het de laatste zijn".
|
| [Ga terug] |
| Publicatie |
|
De voorspelling bewaarheid "Tegelijkertijd lijkt er voor België een crisis die zijn weerga niet kent voor de deur te staan (...) De partijen moeten goed beseffen dat men niet kan blijven splitsen, tot de burger op een dag wakker wordt in een staat die hij nooit gewild heeft. Om nog maar te zwijgen van de institutionele (revolutionaire?) chaos die eruit voort kan vloeien. Je kàn nu eenmaal niet een staat die bijna 200 jaar oud is en in de kern van Europa ligt "zomaar" afbreken. Zoiets heeft altijd zeer ernstige gevolgen. Beseft men eigenlijk nog wel waar men mee bezig is? Of heeft men het zo druk met van congres naar vergadering te hollen, opgesloten in een politiek karkas dat men volslagen géén voeling meer heeft bij de gewone burger?" In een representatieve democratie dienen de partijen representatief te zijn, zij moeten m.a.w. in min of meerdere mate vertolken wat er onder de bevolking leeft." Deze passage komt uit een tekst van 08.12.2002 die u op deze website kan terugvinden ("In het oog van de storm"). De woorden komen vandaag bekend voor. Dat is normaal, want de DHL-crisis heeft de, voorspelde, institutionele tekortkomingen op de meest pijnlijke manier blootgelegd. Meer dan een week hebben we ze zien hollen, de politici, van het één conclaaf naar het andere. Uiteindelijk zijn we met z'n allen tot de vaststelling gekomen dat het Belgische confederalisme op sterven na dood is. Yves De Smedt slaat spijkers met koppen wanneer hij dit in De Morgen (22.09) vaststelt. Inderdaad is het Belgisch systeem confederaal in wezen. De deelgebieden gedragen zich als onafhankelijke staten die, door overlegcomités, verdragen afsluiten. Niemand is de eindverantwoordelijke. In het Brussels Gewest is het voor een partij van 30.000 kiezers mogelijk om het hele land plat te leggen. In 1831 waren er ongeveer evenveel kiezers, om het met een boutade te zeggen- maar zij werden wel vertegenwoordigd door één parlement dat de natie verantwoording verschuldigd was. Partijvoorzitters als Steve Stevaert dreigen nu met het dichtdraaien van de geldkraan naar het Brussels Gewest. (Arbeiders aller landen verenigt u...).Het Vlaams Blok had het nauwelijks beter kunnen zeggen. De democratie is dood. Leve de diplomatie en het recht van de sterkste. De eis voor een eengemaakt België is derhalve ook een eis voor meer democratie. België is vandaag volkomen stuurloos, het is een losse bond van bijna-onafhankelijke staten. De schuld ligt, meer nog dan bij de huidige partijen, bij het systeem dat een tyrannie is van diplomatieke verdragen. In geen enkele andere Westerse democratie zou het schouwspel dat de Belgen vandaag lijdzaam ondergaan plaats kunnen hebben. De nationalisten, de splitsers, de separatisten die dit systeem ontworpen hebben zijn verantwoordelijk. De Belgische Unie had de crisis van het systeem sedert lang voorspeld. Ons "federalisme" was van in den beginne gedoemd om te falen. Wij kunnen de toekomst uiteraard niet voorspellen. Niet altijd tenminste, want eenmaal hebben we het al gedaan. Toch rest er de Belgen weinig keuze. België zal óf unitair worden óf uit elkaar spatten. Het confederalisme is er al en het werkt niet. Ook separatisme werkt niet, of gaat een Brusselse stadsstaat soms wel "Vlaamse" vluchten doorlaten? De gebeurtenissen van heden kunnen wegebben, maar het zal nooit meer zijn als tevoor. De pendel is, zoals verwacht, helemaal doorgeslagen naar de andere kant. Met het (dwaze) dossier rond Brussel-Halle-Vilvoorde en het "Forum voor institutionele aangelegenheden (voor de ontmanteling van België dus)" later volgende maand zullen we heel wat wijzer zijn. In 1980 vierde België haar 150 jaar met de onzalige tweede federalisering... Volgend jaar haar vieren we 175 jaar... Bruno Yammine |
| [Ga terug] |
| Publicatie |
|
Een unitair België: belasting of toegevoegde waarde? Neen, een unitair België betekent niet dat de belastingen verhogen, wat de titel ook laat vermoeden. Hier wil ik het hebben over de kosten en de baten die een unitair België met zich meebrengt. Over de kosten hoeven we niet te lang bezig te zijn. Om te beginnen spreekt het voor zich dat 1 parlement en regering minder kost dan 6. Daar komt bij dat, als alle beslissingen op 1 niveau genomen worden voor de gehele bevolking, er geen tijdrovend (en dus duur) geruzie moet zijn over wie waar op welk grondgebied op welke schaal bevoegd is. De duidelijkheid van een nationaal gevoerd beleid draagt bij tot de efficiëntie van het staatsapparaat, en drukt dus ook de kost. Het enige extraatje dat nodig kan zijn, zijn tolken Nederlands, Frans en Duits. Maar ook dit hoeft slechts een tijdelijke maatregel te zijn: het belang van de individuele talenkennis, op zijn minst de landstalen, kan niet genoeg onderstreept worden. Het wordt dringend tijd dat Nederlandstalig België het Duits uit het verdomhoekje haalt, en dat Franstalig België het Nederlands invoert voor iedereen. Kennis van elkaars taal is immers een belangrijk instrument om tot goede, vlotte en vruchtbare samenwerking te kunnen komen over de taalgrenzen heen. En het is niet eens moeilijk om dat te bekomen: nationale eindtermen waar kennis van de landstalen instaat, zijn genoeg. Gelijk voor iedereen, duidelijk en ondubbelzinnig toepasbaar over het hele land. Dat hoeft daarom ook geen uren te kosten van andere vakken: vroeger beginnen is ook al zeer waardevol: hoe vroeger men begint met het leren van een taal, hoe vlotter men er mee zal omkunnen. De grootste barrière is nog de mentaliteitswijziging die de politiek nodig heeft, maar deze barrière is gemakkelijker te nemen dan men soms denkt. Hier komt u, de lezer, de kiezer, immers in het spel. U en ik, en samen met ons alle kiesplichtige Belgen, kiezen wie ons zal vertegenwoordigen in ons land. We hebben allemaal de keuze uit politici van alle slag: gedemocratiseerde socialisten, geflamingantiseerde katholieken, afgebleekte liberalen We kunnen kiezen welke mentaliteit we in ons bestuur willen: de afgesloten, op zichzelf gerichte, collaboratienostalgische eigen-voortuin-eerst mentaliteit, of een open, universele, democratisch Belgisch en Europees gerichte mentaliteit. We kunnen kiezen voor een politiek die het eigenbelang voortrekt. We kunnen kiezen voor een politiek die wil splitsen, verdelen, en voor politici die inhalig alles naar hun eigen regiootje willen trekken, voor hun eigen plaatselijke succes en macht. Dit is verleidelijk, zeker in een vrije wereld met een kapitalistisch systeem. Maar we kunnen ook kiezen voor een politiek die denkt in het belang van alle Belgen, en alle Europeanen. Voor een politiek die streeft naar een eerlijke eendracht, en die het grondwetbeginsel dat alle Belgen gelijk zijn, ook daadwerkelijk wil toepassen. Een politiek die in de globaliserende wereld niet alleen aan zichzelf denkt, en die ook op de langere termijn niet als een losgeslagen onafhankelijk stuk wrakhout mee hoeft te drijven op internationale stromingen, maar gestructureerd en eendrachtig dammen en dijken kan vormen om ze mee te richten. Nu is het aan ons om te kiezen: wat is het meest toekomstgericht? Het verwateren naar een hoop bakkeleiende staatjes op kleine schaal in een rammelend Europa van brokken en stukken, of het eerlijk verenigen en een krachtige democratische stem vormen in een verenigd Europa, en met Europa voor de gehele wereld? We kunnen onze plaats in deze toekomstige wereld zelf kiezen in het stemhokje. We kunnen de splijtzwammen in de politiek de laan uit sturen en kiezen voor de dringende grondige sanering van de staat, zodat deze krachtdadig en efficiënt de échte problemen van de toekomst kan aanpakken: vergrijzing, werk, economie, milieu. Minder kosten, een eerlijke Belgische democratie, en een plaats in de wereld? Mijn eigen keuze was snel gemaakt. En tegelijk had ik een valabel alternatief voor de andere traditionele partijen, vol overlopers, postjespakkers en ontheemde eigen-volk-eerst VU-muskieten, die onze staatsstructuur hebben gemaakt tot het geldverslindend gedrocht dat het nu is. Ja hoor, er zit een nobele, stralende toekomst in België. Joachim Ganseman |
| [Ga terug] |
| Publicatie |
|
Dilbeek, waar Vlamingen thuis zijn, maar geen andersdenkende... Wat hebben flaminganten toch met criminaliteit? Exact een week geleden werd reeds publiekelijk en hardhandig een Belgische vlag van een van onze leden gestolen, vandaag was het weer van dat op het Gordeltrefpunt in Dilbeek. Zij het voor veel meer publiek dan de driekwart lege bedevaartweide, en zij het met veel meer geweld. Met de intentie de Belgische rand rond Brussel ook eens te verkennen en mee te doen aan een sportieve en culturele manifestatie (wat wij alleen maar kunnen toejuichen, sport is zeer belangrijk en de streek is het ontdekken waard), namen ook wij met enkele leden deel aan de Gordel. Zoals wij ook deelgenomen hebben aan 11 juli: een feest van de cultuurgemeenschap waartoe ook ondergetekende behoort, mag toch zeker ook door ondergetekende meegevierd worden? Wij betaalden netjes onze inkom en kozen voor de kleine wandeling van 7 km, het was immers voor ons ook een gezinsgebeuren. Ver zijn we echter niet geraakt zonder problemen. 10 meter verwijderd van de inschrijvingsstand, midden in de massa, zagen we plots een kale knokploeg van de VBJ (Vlaams Blok Jongeren) op ons afkomen. Het zevenjarige zoontje van een van onze leden keek verbouwereerd toe, toen zonder enige aanleiding of provocatie onzentwege, de Belgische vlag van de rug van een van onze leden, met het nodige machtsvertoon, werd gerukt. Dit alles ging gepaard met veel gescheld, getier en gemekker à la vuil Belgicisten. Voor ons argument van vrije meningsuiting en vrijheid van beweging hadden ze (hoe ironisch, gezien hun partij) geen oor. Twee vlaggen in 1 week tijd, het moet gezegd, de Belgische vlag is zeer in trek. Maar blijkbaar wil men er in Vlaamsgezinde middens niet aan geraken door eerlijk te betalen, maar eerder door diefstal, vuistslagen, getrek en geduw, voor de ogen van kinderen en gezinnen. Harde aanpak van criminaliteit en vrije meningsuiting? We hebben gezien wat het waard is voor de VBJ: méér criminaliteit zònder aanpak en vrije meningsuiting behalve voor andersdenkenden. Wat voor ons een vreedzame en sportieve wandeling had kunnen worden, was na 10 meter al vergald door de gewelddadigheid van enkele flaminganten. Voor onderhandelingen door enkele andere flaminganten die er minder mee opgezet waren, alsook door de organisatie en de politie, hadden ze geen oor, en waren ook zinloos: de vlag en de dader waren reeds verschwunden. Ondertussen zoeken we uit of we de daders kunnen identificeren, want diefstal is tenslotte geen lichte misdaad. De rest van de wandeling verliep zonder noemenswaardige problemen, enkele ga naar uw eigen manifestatie roepen niet te na gesproken. Maar ja, ook dat was al duidelijk: flamingantisme en bewegingsvrijheid of sportiviteit gaan moeilijk samen. Gisteren bij de herdenking te Breendonk heb ik nogmaals kunnen zien waartoe inperking van bewegingsvrijheid vroeger heeft geleid. Honderden vonden er de dood, en zoals de oudste overlevende passend heeft gezegd: wat zouden ze hebben gedaan als ze geweten hadden dat ze gestorven zijn, om onze huidige politici de hulpmiddelen (i.e. democratie) te geven die ze nu gebruiken om de Belgen tegen elkaar op te zetten? Het zwarte gedachtegoed leeft nog steeds in de harten van velen zei een andere spreker gisteren. Na de gebeurtenissen van vandaag kan ik hem moeilijk ongelijk geven Joachim Ganseman
|
| [Ga terug] |
| Publicatie |
|
Republikein, maar waarom? Bart De Wever, huidig voorzitter van de N-VA, heeft het niet begrepen op eretekens (Het Kostbare Weefsel, DS, 31.07). Volgens hem zijn relikwieën uit het Ancien Regime. Ze weigeren zou een boude daad van verzet zijn tegen de monarchie. Voor wie het epistel leest, lijkt het wel dat de Vlaams-nationalisten de middeleeuwen verlaten hebben en zich in de wondere wereld van de Verlichting begeven. Wel schijnt de auteur even te vergeten dat ook republieken eretekens uitreiken. Voor De Wever echter, vormen deze verheffingen tot de adeldom- overigens een louter symbolische erkenning ten gunste van verdienstelijke Belgen- de aanzet tot een passioneel antiroyalistisch betoog. De auteur meent dat de moderne democratische waarden (volkssoevereiniteit, " rule of law " en het gelijkheidsbeginsel) haaks staan op monarchie en adeldom. Deze drie waarden, zo schrijft hij, zouden ook door elke politieke strekking van enige betekenis aanvaard worden. Wie echter denkt dat het Vlaams Blok de autoritaire staat verwerpt, moet maar eens de grondbeginselen van die partij nalezen. En de N-VA van De Wever, die andere wetten, vakbonden, ziekenfondsen enz. wil voor de Franstalige Belgen is schijnbaar het gelijkheidsbeginsel ook niet erg genegen. Kortom, de redenering van de auteur wordt tegengesproken door de houding van de Vlaams-nationale partijen zelf. De grondwettelijke monarchie en de adeldom voldoen daarentegen wel aan deze waarden. De Belgische Koning heeft als individu geen enkele macht. Een minister staat steeds borg voor zijn daden of uitspraken. Hij mag zelfs niet trouwen zonder toestemming van de regering. De rechtsstaat wordt al evenmin in gevaar gebracht door de constitutionele monarchie, omdat deze laatste juist de emanatie is van die rechtsstaat. De Koning is bovendien, net omdat hij niet partijgebonden is, een belangrijke factor van stabiliteit. Monarchieën kunnen de democratie herstellen of redden, zoals Juan-Carlos dat deed na het overlijden van Franco en na de staatsgreep enkele jaren later in Spanje. Schaadt de Koning tenslotte het gelijkheidsbeginsel ? Helemaal niet. De moderne monarch kent geen onderdanen, maar is burger onder de burgers, Koning der Belgen en niet van België; in tegenstelling dus tot de "Roi de France" van het Ancien Régime. Zeker, hij is niet verkozen, maar dat zijn rechters, ministers of bedrijfsleiders, vaak oneindig veel machtiger, ook niet. Over de adel kunnen we kort zijn : daar mogen grondwettelijk geen voorrechten aan verleend worden. Niets verwijst dus nog naar het Ancien Régime, op de titels na, die, zoals gezegd, onder een andere vorm ook bestaan in republieken en in deelstaten. Als de auteur ten strijde trekt tegen de monarchie wegens " niet van deze tijd " moet hij zich enkele bedenkingen maken. Allereerst : Is een instelling slecht omdat ze uit vroeger eeuwen dateert ? Zoja, dan moeten ook de parlementen, die dateren uit de middeleeuwen, worden afgeschaft. Pittig detail is dat deze instellingen veelal in hun oorspronkelijke vorm op vraag van koningen of keizers ontstaan zijn. Ten tweede : verandert een instelling niet van betekenis doorheen de tijd ? De auteur erkent zelf dat de macht van de Koning is afgenomen. De huidige moderne monarchiëen zijn democratische, stabiele, welvarende en vredelievende landen. Vrijwel overal zijn vorsten geliefd onder de bevolking. In België wijst niets erop dat een meerderheid van de Belgen de koning zouden weg willen. Integendeel, velen zien hen als een stabiele factor in een gevaarlijke wereld en een door separatisten geteisterd land. Zelfs de auteur erkent deze " sentimentele meerwaarde ". Hedendaagse presidenten zijn vaak zeer ongeliefd bij grote delen van de bevolking (VSA) of kunnen amper voor stabiliteit zorgen (bijvoorbeeld in Argentinië waar drie presidenten elkaar opvolgden op een maand tijd vorig jaar). Anderen zijn ronduit autoritair (Afrika, Midden-Oosten) of militaristisch (VSA, Noord-Korea, India, Pakistan, Irak van Hoessein). Het is ook niet duidelijk welke republiek de auteur verkiest. " Republiek " is geen synoniem van " democratie " maar een verzamelnaam van verschillende stelsels. Zo zijn er islamitische, socialistische, autocratische en democratische republieken. In deze laatste dient nog het onderscheid gemaakt te worden tussen deze waar de president véél macht heeft (VSA) en deze waar hij minder (Frankrijk) tot geen macht heeft (Duitsland, Italië). Daar waar de Koning een schat aan levenservaring opdoet, ziet een president niet verder dan één of twee ambtstermijnen. Daar waar de constitutionele monarch zich strikt aan de grondwet moet houden, gaat de president vaak tot op het randje ervan of erover. Terecht waarschuwt De Wever wel voor een overdreven mediatisering van de Koninklijke functie. Koningen moeten inderdaad waardig hun publieke functie bekleden en mogen geen kitscherige glamoursterren zijn. Dat de zogezegde "poppenkast-functie" van de monarchie ook reële risico's zou inhouden voor de democratie is dan weer onwaar. Wanneer de Koning op plaatsen van rampen verschijnt- de auteur vindt dit soelaas voor vele slachtoffers een 'poppenkast' en 'georganiseerd volksbedrog', waarschijnlijk in tegenstelling tot de "ernstige" sympathieën van de ministers - bedreigt dit in niets de grondwettelijke verdeling van machten binnen de staat. Dat de auteur tenslotte niet eenmaal spreekt over "België" of "Vlaanderen" is vrij verdacht. Daar zit natuurlijk een reden achter. De Wever is wellicht helemaal geen republikein uit overtuiging, maar doet zich graag zo voor. De reden is uiteraard dat hij lid is van een partij die België wil vernietigen. Uiteraard kan België, dat al bijna twee eeuwen bestaat, overleven zonder Koning. De eerste Brabantse omwenteling van 1789-1790 bracht trouwens - heel kortstondig - een republiek tot stand. Het kan uiteraard niet dat iemand zonder feitelijke macht het enige bindmiddel zou zijn van een natie. Het natiegevoelen van de Belgen werd weer eens duidelijk onderstreept door de nationale en unanieme commotie n.a.v. de ramp in Ghislenghien. Vlaams-nationalisten zijn republikeinen "pour les besoins de la cause". De unie met het unitaire Nederland die zij allen in meer of mindere mate nastreven is immers een monarchie. Republikeinen mogen er zijn, maar ze moeten er wel bij vertellen waarom. Bruno Yammine |
| [Ga terug] |
| Publicatie |
|
Vlaamse onafhankelijkheid is niet het eindpunt...! "Wij vinden dat de eigenheid van ons volk, van élk volk, zo waardevol is dat ze mag beschermd worden. Voor ons heeft bovendien elk volk ook het recht om zélf over zijn lot te beslissen. Daarom eist het Vlaams Blok zonder omwegen de onafhankelijkheid van Vlaanderen." Dit citaat is het eerste programmapunt uit het verkiezingsprogramma van het Vlaams Blok. Deze zin werd al volledig ontkracht door Bruno Yammine (http://www.jancolson.com/tekst/016.html), maar wat men bedoelt met de term "volk" was nooit echt duidelijk. Naar mijn bescheiden mening is die term ook erg subjectief. Uit Vlaams nationalistische hoek negeert men gewoonlijk de kritiek hierover, waarschijnlijk omdat ze maar al te goed weten dat dit hun hele argumentatie om zeep zal helpen. In het woordenboek, de Van Dale, staat "volk" alsvolgt beschreven: vol k (het ~;~eren) 0.1 de gemeenschap van bewoners van een land die afstamming, taal, zeden, overlevering gemeen hebben 0.2 de gezamenlijke bewoners van een landstreek, zoals door ondergeschikte raskenmerken, taal en zeden van andere groepen onderscheiden => stam 0.3 de gezamenlijke bewoners van een staat in betrekking tot het staatshoofd of de regering, de onderdanen 0.4 de lagere sociale klassen <=> aristocratie 0.5 menigte, verzameling van mensen 0.6 klasse of slag van mensen 0.7 bezoek, bezoekers 0.8 (van bijen of andere in groepen levende insecten) de gezamenlijke leden van een 'staat' Een uitleg die elke lading dekt dus... Maar de afgelopen week ben ik op onderzoek gegaan! Op zoek naar de betekenis die Vlaams nationalisten onder het woord verstaan! Het leek me onwaarschijnlijk dat ze over het onderwerp ook maar één woord zouden lossen, maar in een e-mail van de Vlaams Blok studiedienst kreeg ik het ant woord op mijn vraag! "U vroeg zich af wat het 'Vlaamse volk' precies inhoudt. Ongetwijfeld evolueert de definitie die een volk van zichzelf geeft door de tijd. Van een Belgisch volk is nauwelijks sprake, van een Vlaams des te meer, van een 'volk van Loon' (Limburg, Luik...) - helaas misschien - niet meer. Vermits de Franse revolutie de natiestaat in het leven riep, kan een meerderheid die een federatie met een minderheid wil ontbinden, zich ook op het principe van de natiestaat en het verwante staatsburgerschap beroepen. Het Vlaamse volk is in dat geval." De auteur acht zichzelf blijkbaar oppermachtig om te beslissen wie een volk is en wie niet! Bovendien vroeg ik hem in mijn vraagstelling niet om "het volk van Loon", maar wel om "het Limburgse volk". Vreemd, zelfs verdacht, dat hij dat ontwijkt! Daarom vroeg ik het opnieuw: "Dus op de dag dat 'bewezen' wordt dat bv. Limburgers, of Kempenaren,... een "volk" zijn (op basis van gemeenschappelijke kenmerken), hee ft dat volk dus recht op een onafhankelijke staat?" Het antwood van het Vlaams Blok: "Uiteraard. Ze moeten dat dan wel eerst 'bewijzen' in hun dagelijks handelen, door bv. te ijveren voor zelfbestuur. Doen ze dat niet, dan zijn ze een streek in Vlaanderen met een bevolking met een specifieke geschiedenis. Dat is de huidige situatie. ... Ook het onafhankelijke Vlaanderen zal niet eeuwig bestaan." Veel duidelijker had hij het niet kunnen zeggen! Met andere woorden zegt hij dus: Van zodra er een provincie of eender welk landsdeel om zelfbestuur vraagt, heeft het het recht om een onafhankelijke staat in Europa te worden (zoals het Blok het graag verwoordt...). Trek de lijn even door, en vraag je dan af hoe ons land er in de toekomst zal uitzien als deze ideologie verder wordt opgedrongen... En opgedrongen wordt ze!! We zullen dan nog maar zwijgen over het moment dat bepaalde groeperingen die niet geografisch gesitueerd zijn om zelfbestuur komen vragen! Want een volk is niet noodzakelijk afhankelijk van grondgebied, toch? De geschiedenis toonde al vaak genoeg aan dat nationalisme een gevaarlijk instrument is, maar ook dat het gedachtengoed van het nationalisme uitnodigt tot eindeloze versnippering, egoïsme en verdeeldheid. Uit het verleden moet men leren, en logisch nadenken is vereist! Maar zo ver geraken onze flamingante politici blijkbaar nog niet... Jan Colson |
| [Ga terug] |
| Publicatie |
|
Belgische solidariteit is democratische noodzaak: zie hiervoor ons geupdate "dossier transfers" (bij hoofdmenu publicaties)
|
| [Ga terug] |
| Publicatie |
|
Zwarte zondagen, te voorkomen! De dertiende zwarte zondag op rij, de dertiende keer horen we hetzelfde van de politici: 'beter communiceren met de burger, problemen oplossen en een goed bestuur'. Het probleem is er echter nog, en groter dan ooit. Het zal evenmin verkleinen, aangezien de Antwerpse bestuursproblemen overwaaien naar de Leuvense Steenweg, dus dienen de politici zich de vraag te stellen: wát kunnen we doen? Naar analogie met Nederland zou men kunnen stellen om een coalitie te vormen met Vlaams Blok. Is Vlaams Blok echter te vergelijken met de LPF in Nederland? Neen. De LPF had geen parlementaire ervaring, waardoor Balkenende zeer snel komaf kon maken met de door emotie gekozen vertegenwoordigers. Het Vlaams Blok is eveneens door emotie gekozen, echter, deze vertegenwoordigers zetelen al ettelijke jaren, waardoor ze het parlementair systeem beter kennen als wie ook. Een coalitie met Vlaams Blok is dus uit den boze. We moeten echter wel voor ogen houden: voor men kan beslissen wát er moet gebeuren dient men te beseffen wat er gebeurd is, wat de oorzaken zijn van deze enorme groei van extremisme in België (want vergeten we ook de stijging van het FN in Franstalig België niet). Het is te eenvoudig om de schuld te schuiven op het vreemdelingenstemrecht, en het proces tegen Vlaams Blok. Dit kan enkel de laatste winst verklaren, echter, het Vlaams Blok heeft reeds een lange weg bewandeld. Is de Belg racistisch en onverdraagzaam? Absoluut niet, België is een gastvrij land, met een gastvrij volk. Willen de Nederlandstaligen het land splitsen? Neen, de Belgen houden van hun land, en tonen amper problemen met de meertaligheid. Wat zijn dan wel mogelijke aanwijzingen? De afstand van de politici met het volk? Wanbestuur? Ontevredenheid? Ongetwijfeld spelen deze factoren een rol. De parlementen zijn ver verwijderd van Jan Modaal, waardoor de burger zijn eigen belangen voorop stelt, en genomen beslissingen niet meer ziet. Een gebrek aan communicatie met de burger vanuit de politieke wereld is hier één van de grote oorzaken. Het vertrouwen in de politici is zeer laag. Wordt deze communicatie hersteld? Neen. Politieke kopstukken nemen deel aan zinloze spelletjes op de televisiezender, waardoor hun geloofwaardigheid zakt, en de bevolking nog steeds niet weet wat er in het politieke wereldje gebeurt. Het vertrouwen zakt wegens het onontwarbare kluwen van politieke organen, parlementen, en veelvuldige verkiezingen. Het Vlaams Blok, als antipartij, maakt hiervan gretig gebruik, en legt de vinger op de vermeende wonde. De wantrouwige burger ziet dus slechts 1 oppositie tegen de traditionele partijen, nl. het Vlaams Blok, en wie ontevreden is, stemt voor de oppositie. Dáár ligt een mogelijke oplossing om toekomstige Zwarte Zondagen te minderen, en zelfs af te bouwen. Indien de burger een politiek debat volgt, is het op voorhand te raden wat er gaat gebeuren: onderling gekibbel tussen de traditionelen, maar een samenhorigheid tegen Vlaams Blok. Het is evident dat de burger de samenhorigen als de ene groep aanziet, en het Vlaams Blok als oppositie. Toch is er meer oppositie, echter de burger kent haar niet. De media dienen kleine partijen aan bod te laten komen. Deze kunnen vele mensen bekoren, maar geraken niet gekend bij de massa. Hierdoor halen ze scores van 0.3 procent, soms wat meer. Mochten de media deze partijen aan bod laten komen, ziet de burger dat er nog meer is als de traditionelen vs. het Vlaams Blok, en de teleurgestelde stemmen zouden verdeeld worden ten koste van het Vlaams Blok. Het zal niet onmiddellijk enorme verschillen geven, maar het zou mooi zijn als er eindelijk ernstige actie wordt ondernomen tegen extremisme in ons land, en de media hebben hier een belangrijke rol in. Enkel indien er alternatieven worden geboden, kan de Blok-opmars gestuit worden. Er is nood aan een dam, een nieuwe dam.
|
| [Ga terug] |
| Publicatie |
|
Om over na te denken 1) Wist u dat de Europese Unie nu 20 talen telt en 80% van onze wetgeving van Europese, dus meertalige oorsprong is? 2) Wist u dat er slechts 2 totaal ééntalige staten zijn in Europa: Portugal en Ijsland? 3) Wist u dat er in alle landen ter wereld geldtransfers zijn van rijkere naar armere gebieden, tenzij misschien in micro-staten als Monaco en Guinee Buissau? 4) Wist u dat de Belgische transfers proportioneel een stuk lager liggen dan die van West- naar Oost-Duitsland, van Noord- naar Zuid-Italië, van Londen naar het Engelse platteland, van Ile de France naar "la province"? 5) Wist u dat er transfers zijn van Brabant naar Limburg en van Antwerpen naar Oost-Vlaanderen, dat Franstalige Belgen veel producten en diensten uit Noord-België consumeren en heel wat "Vlaamse" inkomsten komen van multinationals die in het Vlaams Gewest zijn gevestigd, maar actief zijn in heel België? 6) Wist u dat er in Zuid-Afrika en Zwitserland, twee andere meertalige democratieën, veel minder communautaire problemen zijn dan in België? 7) Wist u dat er in België ook verschillen zijn tussen jongeren en ouderen, mannen en vrouwen, rijken en armen, socialisten en liberalen, gelovigen en niet-gelovigen, maar dat die blijkbaar wél kunnen zonder onze politici op stang te jagen? 8) Wist U dat de 6 parlementen en 6 regeringen van ons land gewild zijn door de Vlaams- en Waals-nationalisten? 9) Wist U dat de Belgen nooit naar hun mening werd gevraagd over de staatshervormingen? 10) Wist U dat kleine partijen niet op de openbare televisie mogen komen, maar er nog een kiesdrempel bovenop krijgen? Stop die kinderachtige politiek in dit mooie, maar kleine land.
|
| [Ga terug] |
| Publicatie |
|
Stem 14 in Brussel!
[Klik hier om het pamflet in PDF te lezen (thans buiten werking)]
|
| [Ga terug] |
| Publicatie |
|
De PS speelt vals De B.U.B. (Belgische Unie - Union belge) verneemt met verbazing dat een zekere kandidaat-titularis, genaamd Carl DE RIJCK, voorkomt op de Brusselse regionale lijst van de PS onder de naam Carl DE MONCHARLINE, plaats nr. 67 wat een schending is van het decreet van 23 augustus 1794 dat bepaalt dat geen burger een andere naam of voornaam mag dragen dan vermeld in zijn of haar geboorteakte. Wij vernamen anderzijds dat een zeer bedenkelijke naamwijziging werd toegekend aan deze kandidaat om voor ons onwettige redenen, namelijk voor redenen van louter gemak, of, wat nog veel erger is, om het resultaat van de gewestelijke lijst van de PS kunstmatig op te drijven aangezien de kandidaat gekender is in bepaalde Brusselse milieus onder zijn bijnaam dan onder zijn geboortenaam. De B.U.B. verzet zich dus tegen de toelating tot naamwijziging toegekend bij Koninklijk Besluit van 31 maart 2004 op voorstel van de Minister van Justitie Laurette Onckelinckx van de PS en verschenen in het Belgisch Staatsblad van 7 april 2004. Overeenkomstig artikel 3 van de wet van 15 mei 1987 aangaande namen en voornamen kan de Koning (versta: de regering) uitzonderlijk de naamswijziging toestaan als hij van oordeel is dat het verzoek op ernstige redenen steunt en dat de gevraagde naam geen aanleiding geeft tot verwarring en de verzoeker of derden niet kan schaden. Welnu, "eigengemak" is helemaal geen ernstige reden. Bovendien schaadt deze naamswijziging rechtstreeks de belangen van de B.U.B. want wij hebben een concurrerende lijst (nr. 21) voor de regionale verkiezingen in Brussel-Hoofdstad en wij weten dat deze meneer een betere verkiezingsuitslag zal behalen onder de naam "DE MONCHARLINE". Deze kandidaat dient dus van de PS-lijst geschrapt te worden. Indien dat niet gebeurt, zullen wij de vernietiging vragen van de Brusselse regionale verkiezingen na 13 juni.
|
| [Ga terug] |
| Publicatie |
|
Het echte Vlaams Blok komt boven
Veel meer nog dan een vonnis te zijn over de aard van het Vlaams Blok is de veroordeling door het Hof van Beroep wellicht- bij het Blok zelf een signaal om haar ware aard te tonen. Een paar bedenkingen.
-Wat is er gebeurd? 3 VZWs die de ruggegraat vormen van het Vlaams Blok zijn tot een geldboete veroordeeld omdat zij wetens en willens aanzetten tot haat ten aanzien van bepaalde bevolkingsgroepen niet alleen op grond van hun nationaliteit, doch tevens op grond van hun zogenaamd ras, minstens op grond van het etnisch aspect van hun nationale afstamming, hetgeen te aanzien is als een door de wet verboden vorm van discriminatie'' Die uitspraak is ondubbelzinnig: het Vlaams Blok is door een bevoegde rechtbank veroordeeld als zijnde een racistische partij die systematisch andere bevolkingsgroepen stigmatiseert
-Wat vindt het Vlaams Blok zelf van deze uitspraak? Zij beweren slachtoffers te zijn van het regime-gesteund door de pers en media- dat oppositie monddood wil maken. Dit zogenaamd regime bestaat uit àlle niet VB-partijen (ook het extreemrechtse Front National?). De rechter in Gent is een zetbaas van de regering. De veroordeling zou ook de 800.000 kiezers willen beteugelen. Een stem voor het VB zou nu een stem voor vrije meningsuiting zijn. België is geen democratie, geen rechtsstaat, maar een bananenrepubliek. Het VB zou voorts veroordeeld zijn wegens haar separatisme.
-Dit zegt zowat alles over het Vlaams Blok zelf:
a) Het V.B. is een racistische partij, niet omdat ze dingen zegt (die, naar zij meent honderdduizenden ook denken), maar omdat ze op een georganiseerde, systematische en bedachte manier aanzet tot haat van bevolkingsgroepen, i.c. (moslim-)allochtonen. Het V.B. is niét veroordeeld omdat ze dingen zegt (bv besnijdenissen bij moslimvrouwen afkeurt), maar wel omdat ze op een geplande manier sedert haar ontstaan een xenofobe houding heeft tegen alle onvolkse elementen
b) Het V.B. is een partij met wortels in het radicaalrechtse fascisme van de jaren 30 en 40. Eind jaren 70 waren vele collaborateurs nog actief lid van de partij of behoorden ze tot de partijtop. Men had beter de partij toen aangepakt. Het V.B. is derhalve géén parlementaire partij, maar misbruikt het parlement om de democratie te vernietigen, wat haar kopstukken ook zeggen mogen
c) Dat laatste blijkt uit de opvatting van het V.B. over de machten in België: de (verkozen) wetgevende macht is het antiblok establishment. Liberalen, socialisten, Christen-democraten: allen tegen één. De uitvoerende macht is een door de PS uitgebuit machtsconcern dat rechters dicteert. De wetgevende macht is ondergeschikt aan het regime. Het VB zijn weerloze, goedgelovige mensen die onterecht geloofden in de rechtsstaat. Voor het V.B. is België geen rechtsstaat. Dat het V.B. van deze staat jaarlijks miljoenen euro ontvangt zegt men er niet bij. Wil het arrest deze dotatie dan afpakken? Neen, wat men ook beweren moge.
d) De media zijn onder controle van het regime, weinig verbazend (dus) dat vele perscommentaren onmiddellijk de loftrompet afstaken. Het V.B. miskent dus media die het niét eens zijn met de partij. Dat het V.B. enorm veel in de media aan bod komt (de Persgroep neemt ook na het vonnis publicaties op), zegt men er niet bij. Dat de Post het verspreiden van VB-propaganda niet verbiedt, al evenmin.
e) De 760.000 V.B.- kiezers zouden veroordeeld zijn. Niets is minder waar. De V.B.-kiezers zijn (doorgaans) eerbare staatsburgers en worden niet vervolgd. Geen enkele V.B.-mandataris verliest zijn of haar positie.
f) Het Vlaams Blok is niét veroordeeld wegens separatisme, maar wegens racisme. Alle (Vlaamse) partijen volgen trouwens min of meer het Vlaams Blok in haar Vlaams-nationalisme.
Besluit: Het V.B. wordt reeds jaren in de nationale -en internationale!- pers, alsook door vele burgers als racistisch beschouwd. Het vonnis van het Gentse Hof van Beroep is daar een logisch vervolgstuk van. Het V.B. (dat n.b. miljoenen geld krijgt van de Belgische Staat) verdraait het vonnis, verkondigt dat een proces tegen partij-VZWs betrekking heeft op haar kiezers, acht zich gemuilkorfd terwijl ze enorm veel aandacht krijgen, stelt de onafhankelijkheid van de Post in vraag, verwerpt openlijk de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht, miskent de persvrijheid, verwerpt het Belgisch parlementair systeem, de Belgische regering en werpt zichzelf (last but not least) op als verdediger van... de vrije meningsuiting. Een meer perverse slachtofferrol is nauwelijks denkbaar. Bruno Yammine Coördinator studiedienst |
| [Ga terug] |
| Publicatie |
|
Van Congo tot de collaboratie De reportage Blanke Koning, Rood Rubber, Zwarte Dood heeft het debat over de 19e eeuwse gebeurtenissen in Congo wederom aangewakkerd. Het is goed dat men aan facetten van de geschiedenis herinnerd wordt, ook aan de minder aangename. Wat echter niet de bedoeling is, of toch niet zou mogen zijn, is het feit dat het verleden volledig ten dienste gesteld wordt van een huidige ideologie. Het lijdt allereerst geen twijfel dat wat er meer dan 100 jaar geleden in Congo gebeurd is een ontsporing was. Maar een ontsporing van wat en in welke mate? Om een misverstand voor eens en voor altijd de wereld uit te helpen: Congo is pas in 1908 een Belgische kolonie geworden. Daarvoor was het een privébezit van Leopold II. Dit betekende dat de Belgische Staat als dusdanig niet aansprakelijk kan gesteld worden voor hetgeen er toen gebeurd is. Congo was door de Koning verworven na de Conferentie van Berlijn (1885) waarop de grootmachten Afrika verdeeld hadden. Door een handige politiek verwierf de toenmalige Koning één van de grootste en meest rijke gebieden van Afrika. Inderdaad was Leopold II een staatsman met visie. Het deed de Duitse Kanselier von Bismarck opmerken dat het jammer was dat een groot Koning zon klein land bestuurde. Men mag opmerken dat de Koning ook veel goeds gedaan heeft in Congo: strijd tegen slavenhandelaars, een basis gelegd voor de schooling van de bevolking, de uitbouw van een infrastructuur. Vooral rubber was een gegeerd goed in die tijd (opkomst autos, fietsen met rubberbanden). Voor de exploitatie deed men in het rubberrijke Congo beroep op uiterst goedkope loonarbeid. Agenten van de Koning gingen zich geregeld aan misbruik te buiten. Inwoners van het land werden diep in de bossen landinwaarts gestuurd om rubber te halen, wanneer aan de quota niet voldaan werd gingen de plaatselijke blanken zich te buiten aan wandaden tegen de dorpsbevolking.Congo echter was op dat moment een land waar geen wetten heersten en een internationaal recht bestond toen nog niet. De zwarte mensen werden in het gangbare Europese discourse vaak als (zielloze) halve of hele wilden afgeschilderd. Men mag deze historische context niet vergeten. Wat er ook van zij, het geheel raakte bekend in de internationale pers, werd aangedikt door de andere koloniale machten (talrijk waren de Britse aanklachten, en het was ook in dit land dat de "Congo Reform Association" tegen het beleid in Congo opgericht werd). Deze landen werkten ongetwijfeld met een dubbele agenda: nl. zélf beslag leggen op de Congolese rijkdommen. Ondertussen stopten diezelfde Britten wél de blanke Zuid-Afrikaanse boeren in concentratiekampen en voerden ze een uiterst bloedig bewind, o.a. in India. Tegen 1908 zat de Koning wat Congo betreft in financiële schulden en zadelde hij de Belgische Staat met deze erfenis op. Nadat ons land Congo tot kolonie gemaakt had verbeterde de situatie er aanzienlijk. Door de vele missionarissen werd uitstekend onderwijs gegeven, de bevolking geschoold en door Belgische inspanningen vloeide het geld nu niet alleen meer terug naar het Rijk (zoals het in de beugel van de Koning ging voor verfraaiingsprojecten, o.a. museum van Tervuren) maar kwam het alle Congolezen ten goede. Bruno Yammine Coördinator studiedienst |
| [Ga terug] |
| Publicatie |
|
Camera's: stop a.u.b.! Zelden was de overheid, en dan vooral de Vlaamse, zo opdringerig. Onder het mom van een betere verkeersveiligheid wordt de Belgische autobestuurder de laatste cent uit zijn portemonnaie gehaald d.m.v. superboetes en camera's. Eerder zei de B.U.B. reeds duidelijk dat het overmatig plaatsen van dure flitscamera's overdreven is omdat er veel goedkopere alternatieven bestaan die minstens even efficiënt zijn, namelijk verkeersdrempels of ronde punten. De superboetes zijn een te zware straf wanneer een automobilist geen gevaar voor anderen heeft veroorzaakt. Een normale boete kan ruimschoots volstaan om hem tot een beter rijgedrag te brengen. Nu vernemen we ook dat er een hele business achter de flitscamera's schuilt ! De lobby-groepen van de fabrikanten sporen de overheid aan om zoveel mogelijk camera's te kopen en te plaatsen. De investering is commercieel rendabel, dat zeker, want de kost van elke paal, betaald met het belastinggeld van de Belgen, wordt binnen de kortste tijd terugverdiend aan boetes! Dit is niet serieus meer. De Belg is al zo belast en bovendien wordt hem nu ongewild een nieuwe onterechte belasting opgelegd. Zware verkeersovertredingen moeten bestraft worden. Dat is duidelijk, maar er is ook een zekere proportie die dient gerespecteerd te worden. De Belg achter het stuur is verworden tot opgejaagd wild en met zulke mensen weet je nooit wat ze doen op het moment van de verkiezingen. De B.U.B. staat in elk geval achter hen: verkeersveiligheid ja, een hetze nee ! |
| [Ga terug] |
| Publicatie |
|
De muur tussen de gemeenschappen moet dringend worden neergehaald Meer en meer wordt duidelijke dat de nationalisten liegen wanneer ze het bestaan van de Belgische cultuur ontkennen. Die bestaat immers wel degelijk, en ze leeft als nooit tevoren. 90 procent van de Vlaamse intelligentsia denkt Belgisch, en ze laten het hoe langer hoe meer horen. Een steeds groter wordend aantal intellectuelen, en mensen die op cultureel vlak wat betekenen, steunen openlijk Belgischgezinde initiatieven. Zo zijn er de soirées Belges, dubbelconcerten waarop achtereenvolgens een Vlaamse en een Waalse groep te zien zijn, voor een Belgisch publiek. Dat dit een succesformule is, is bewezen. Axelle Red, Helmut Lotti en vele anderen zeiden het als, "Ja, er is een Belgische cultuur!" En zij zijn niet de enigen in de Belgische culturele wereld die zich voor België uitspreken. Ook Marc Reynebeau, Tom Lanoye, Gerard Mortier, Monika van Paemnel, Lukas van der Taelen, Geert van Istendael, Wannes van de Velde, Chris Lomme, Josse de Pauw, Jan Decleir, Hugo de Ridder , Jan Decorte, Urbanus, Dieter Lesage, Liliane St. Pierre, Marlène de Wouters, Marc Sleen, Guy Swinnen, Bob Saevenberg, Luc de Vos , Benno Barnard, en natuurlijk vele anderen zijn die mening toegedaan. Zelfs überflamingant Jozef Deleu sprak zich in De Standaard ter gelegenheid van zijn afscheid bij Ons Erfdeel, uit voor de Belgische federale staat. Dat extremisten van links of rechts niet altijd akkoord zijn met Belgische stellingname blijkt uit de bijna-boycott tegen Urban Trad op het songfestival, die nadien zelf zegden dat het was omdat ze zich zo "nadrukkelijk Belgisch opstelden". De laatste tijd horen we ook veel positieve geluiden in de pers. Zo ook gisteren in de Morgen. Ik citeer "12 februari. Een optreden van Ghinzu, Sharko en Girls in Hawaii, dat aanvankelijk op 800 toeschouwers mikt, groeit, na een stormloop om kaartjes, uit tot een evenement. De organisatoren staan perplex, de Vlaamse pers hoort het donderen in Keulen, maar de Waalse groepen die hun opwachting maken worden door 1800 uitzinnige toeschouwers op handen gedragen." Tragisch is dat de Vlaamse pers (met uitzondering van de Morgen) doet alsof deze "Waalse" muziek niet bestaat, hoewel zowel Vlamingen als Franstaligen zich er door aangesproken voelen. Dirk Steenhaut merkt dan ook terecht op: "Heeft de federalisering de taalgemeenschappen in ons land tot culturele eilanden herleid? Heerst er in de Vaderlandse rockscene een rigide apartheidsregime?" Maar er is beterschap op komst. Eppo Janssen: "Sinds die bewuste avond in de AB is ook bij Studio Brussel het besef gegroeid dat er in Wallonië dingen gebeuren die we niet uit het oog mogen verliezen." En ook vandaag horen we weer positieve geluiden. Paul-Henri Wauters merkt terecht op dat "de muur tussen de taalgemeenschappen dringend moet neergehaald worden". Muziekprogrammeur Paul-Henri Wauters van de Botanique is een man met visie. "Dat Sharko, Ghinzu en Girls in Hawaii onlangs de AB wisten uit te verkopen was belangrijk, omdat die groepen daardoor ook door het Vlaamse publiek worden opgemerkt. De volgende uitdaging bestaat erin om de muur tussen Vlaanderen en Wallonië neer te galen, want die staat nog altijd overeind. Vanuit de politiek worden weinig stappen ondernomen om de twee gemeenschappen dichter tot elkaar te brengen, dus moeten cultuurcentra zoals de Botanique en de Ancienne Belgique het heft maar in eigen handen nemen. Onlangs heb ik met Kurt Overbegh, de muziekprogrammeur van de AB, nog overlegd over hoe we beter samen kunnen werken. We zijn vastbesloten in de nabije toekomst gemeenschappelijk initiatieven te nemen. Ik kan me bijvoorbeeld voorstellen dat we een weekeinde omtrent Belgische muziek organiseren, waarbij Vlaamse bands in de Botanique en Waalse in de AB spelen. Weet je, voor buitenlandse media maakt het niet uit of een groep uit Vlaanderen, Brussel of Wallonië komt. Venus en Ghinzu worden door de Franse of Nederlandse pers op gelijke voet behandeld met dEUS en Zita Swoon. Al die groepen blijken trouwens grillige surrealistische trekjes te vertonen. Ik ben er dan ook van overtuigd dat Vlamingen en Walen onderling meer gemeen hebben dan Vlamingen en Nederlanders of Walen met Fransen. De Belg bestaat écht: hij ziet de dingen op zijn manier. Onze muzikanten hebben een specifieke attitude, een heel eigen visie, en het is precies dát wat men in het buitenland zo waardeert. Zelfs de Britten zijn er niet ongevoelig voor." Dan zijn er de Soirées Belges. Vlaamse en Waalse artiesten, delen in een reeks dubbelconcerten het podium. De eerste was een enorm succes, en de volgende zijn gepland Luik (14 april, Soundstation), Gent (15 april, Vooruit) en Brussel (16 april, Botanique). Ook Wouter Degraeve van het Vaams Muziekcentrum kent geen Vlamingen of Walen. "Soms is het wel jammer dat onze structuren gescheiden zijn. We worden nu eenmaal beperkt door de gemeenschappen die on subsidiëren. Maar als je over de grenzen iets wilt forceren is het vaak interessanter als Belgen naar buiten te komen dan als Vlamingen of Walen. Op een evenement als EuroSonic in Groningen proberen we samen aan de kar te trekken." Ook de Fransen, die Sacrés Belges, een "Belgisch" festival in Arras organiseren, zijn geïnteresseerd in zowel Vlaamse als Waalse bands. "In de ogen van onze zuiderburen zijn we gewoon allemaal Belgen". Eigenlijk is iedereen het erover eens: de experts, de intellectuelen en de cultuur wereld weten het. Het volk wist het al lang: Ja, er bestaat een Belgische cultuur! Er bestaan wel Belgen! Nu enkel de politiek nog informeren. Bob VANGEEL |
| [Ga terug] |
| Publicatie |
|
Beschouwingen over België 1. Een ontbinding? Vier bewegingen strijden om de macht België bevindt zich, zo zeggen velen, in een staat van ontbinding. Zonder te zeer in te gaan op bovenstaande alle fenomenen die de eenheid van de Staat in vraag stellen of teniet willen doen, kunnen we wel een gemeenschappelijke deler onderscheiden: allen zijn zij voortgegroeid als tegenreactie op de centralistische politiek van 1830, haaks staand op de eeuwenoude particularistische politieke cultuur in onze streken. In verschillende artikels is er reeds gewezen op de 'ontbinding' van België. Ondanks het feit dat dit proces nu reeds meer dan 30 aan de gang is-of zou zijn-, zijn de twee tegenovergestelde kampen (nationalisten en Belgischgezinden) er nog niet in geslaagd een beslissende overwinning te halen. Waarom? Allereerst dient gezegd te worden dat de twee partijen er niet in geslaagd zijn en er niet in slagen een coherente strategie te ontwikkelen. De wallinganten en flaminganten hebben en hadden verscheidene eisen: zelfbestuur, autonomie, federalisme, confederalisme, separatisme, Grootnederland, Heelnederland, rattachisme enz Bovendien waren en zijn deze eisen op zijn minst dubieus te noemen, in die zin dat vele "federalisten" van weleer thans confederalist zijn of zelfs separatist. Men denke maar aan Hugo Schiltz. Alleszins spreekt er uit al deze stromingen, en door het feit dat ze elkaar overlappen, soms zelfs tegenspreken een gebrek aan staatsvisie van degenen die België willen opdelen. Dat het Vlaanderen aan staatslieden "van formaat" die een einde willen stellen aan België ontbreekt, geeft het Vlaams Blok trouwens toe (verkiezingsbrochure 2003, p. 5). In "Doorbraak" van 15-12-2003 beaamt de goeroe van het Vlaams denken, Manu Ruys, dit: "Vlaanderen heeft nood aan een betere elite. De huidige politici ontberen niet zelden historisch besef. Velen kennen het verleden niet." Zo zijn bovenstaanden nog steeds niet tot een gemeenschappelijk "minimumprogramma" gekomen en bestrijden regionalistische en separatistische partijen elkaar soms openlijk (Spirit, N-VA, Vlaams Blok ). Een eerste beweging, langs Vlaamse kant althans, wordt alleszins dus gekenmerkt door een resoluut afwijzen van de meertalige samenleving voor een etnisch of taalkundig homogene, Vlaamse staat (al dan niet in verband met Nederland). In eerste instantie was het streven naar meer taalrechten niet contradictorisch met het aanvaarden en zelfs toejuichen van de Belgische Staat, wel integendeel. Dat veranderde door twee, traumatiserende wereldoorlogen. Het feit dat het noorden met zijn (lucht)havens en groeipolen na WO II het zuiden economisch heeft voorbijgestoken heeft dit streven nog versterkt. Het verlies aan nationale identiteit, van munt en belangrijke delen van de politiek aan amorfe supranationale instellingen, de teloorgang van de kolonie(s) en de instroom van migranten hebben etnische verzuiling, vooral langs Vlaamse zijde ontegensprekelijk in de hand gewerkt. Langs Franstalige kant ontwikkelden zich twee projecten: het federalisme was er een eerste van. Dit federalisme langs deze zijde- over het Vlaamse straks meer- vindt haar grondslag in de angst die bepaalde Franstalige politici reeds voor de oorlog koesterden, met name dat Vlaanderen Wallonië in die mate zou voorbijsteken dat de Franstalige leidende klasse haar monopolie in België zou verliezen. Een constante in de staatshervormingen schijnt trouwens te zijn dat de meerderheid van de Franstalige politici bereid is om de Belgische Staat voor - veel- geld uit te hollen. Het doel van dat geld is allereerst om de as Wallonie-Bruxelles financieel te spijzen. Bovendien wordt het, schijnbaar tevergeefs, in de verouderde zuidelijke economie gepompt. De federaliseringen hebben trouwens elke nationale controle op misbruiken bijna onmogelijk gemaakt. De Franstalige Gemeenschap, in tegenstelling tot de Vlaamse vertegenwoordigd door een afzonderlijke Raad lijkt zich op zichzelf (dat is Franstalig België, de faciliteiten en Brussel) terug te trekken in een defensieve positie. Ondertussen ontwikkelt zich nog een tweede staatsproject: het "rattachisme". In se is rattachisme een foutieve term omdat het Wallonië wenst te her-enigen met Frankrijk, alsof Wallonië als afzonderlijke entiteit daar ooit deel van heeft uitgemaakt Tot nog toe is de aanhang van het rattachisme zeer klein, maar in de casus van een secessionistisch scenario zou dit wel eens snel kunnen veranderen. Naast deze drie hoofdbewegingen is er de Belgische beweging. Deze vertoont vele vormen gaande van extreem-rechts (FN) over federalistisch (Coudenberg-groep, Bplus ) tot unitaristisch. De Belgische beweging kent vele zwakheden: Ze is jong en weinig georganiseerd en grijpt ofwel terug naar het romantisch-nationalisme van de 19e eeuw, naar unitarisme, naar een unionistisch federaal model (niet goed beseffend dat België geen oneigen, maar een onecht federalisme kent) etc. De verdeeldheid aan stromingen is hier zo mogelijk nog groter dan bij de eerste twee groepen. Tot op heden is er, merkwaardig genoeg, geen enkele unitaristische partij die bij verkiezingen potten heeft kunnen breken. Een andere, grote, zwakheid van de Belgische beweging is dat zij niet ondersteund wordt door een internationale stroming (zoals de liberalen, groenen, socialisten en volksnationalisten). Zij profileert zich vaak als uitgesproken antinationalistisch, maar is het zelf. De aanhankelijkheid van de bevolking aan België is nochtans zeer groot, vandaar ook dat partijen als het Vlaams Blok hun antiroyalisme, en zelfs tot op zekere hoogte hun separatisme nooit uitspelen in electorale campagnes. Degenen die een einde wensen te stellen aan de Belgische Staat zijn met zeer velen, maar hebben weinig tot geen banden met de brede lagen van de bevolking. De jaar na jaar steeds meer zieltogende Ijzerbedevaart is daar het beste bewijs van. De kritiek dat 99% van de Vlaamse eisen reeds gerealiseerd is, is niet onterecht als verklaring, de binding van separatisme met radicaal-rechts al evenmin. Alleszins spelen deze verschillende projecten zich aan het begin van de 21e eeuw in België af en is de afloop ervan nog steeds onduidelijk. Het lijkt wel zeker dat de zwaarste druk voor het overleven van België als Staat komt te liggen op de Sociale Zekerheid. In het Vlaams-separatistisch denken is de defederalisering van, delen van, de Sociale Zekerheid een oude eis. Immers, meer nog dan Brussel of het Koningshuis is deze zekerheid het kenmerk van de solidariteit van België. Er is nog een andere reden. Waar de wallinganten na 1945 allereerst bekommerd waren om economische autonomie, eiste de Vlaamse Beweging culturele autonomie. Over de oorsprong en het staatkundig streven van deze beweging straks meer. De constructie van de "Vlaamse natie" was jarenlang ondergedompeld in een fervent katholicisme dat het Latijnse element van België afwees als decadent, Frans en ingaand tegen de Vlaamse 'volksaard'. Vandaar ook dat velen in eerste instantie de persoonsgebonden materies voor "eigen volk" (eerst) willen. (men leze in dit verband ook "Secessie", oktober 2002, p. 31-32). Omdat vele waarnemers het parlementair systeem in een crisis achten, te wijten aan de emo- en telecratie, de partijtucht die het Parlement verzwakt, enz. kan de meest radicale vleugel van de Vlaamse Beweging hier van profiteren. Zij gebruikt deze argumenten, gekoppeld aan de radicale eis om een identiteitsbesef aan een staat te koppelen om zichzelf te profileren. In haar vijandbeeld klagen zij de linkse partijen, de Vlaamse "collaborateurs" met België, het Franstalig (economische) 'profitariaat', 'étatisme' en de "onrechtvaardige" transfers van noord naar zuid aan. Het recente (2004) debat over het vreemdelingenstemrecht, waar een meerderheid van de Nederlandstalige partijen tegenstander was, maar dat doorgevoerd werd door alle Franstalige partijen en de sp.a was zeker een catalysator tot de afbrokkeling van het cordon sanitaire rond het Vlaams Blok. Wanneer (politici uit) traditionele en andere partijen samenwerken met radicaal-rechts rond dit thema, is het niet ondenkbaar dat ze er mee zullen samenwerken rond communautaire dossiers. Het lijkt ook de tactiek van de grote, radicaal-rechtse separatistische partij om de schutskring rond haar te doorbreken om Vlaamse onafhankelijkheid te realiseren. Zij toont ook steeds meer tekenen van goodwill naar andere partijen toe: na de federale verkiezingen van 2003 reikte ze de (afgewezen) hand uit naar de separatistische N-VA en in januari 2004 stemde ze in de Vlaamse Raad samen met de meerderheid voor de provinciale kieskringen. CD&V heeft trouwens reeds aangekondigd dat ze niet meer a priori wetsvoorstellen van het VB zal afwijzen. De tanende Christen-democraten slagen er trouwens niet in de opmars van deze partij af te remmen en zijn bovendien nog meer geremd door de afgesprongen kartelonderhandelingen met de, thans impotente, N-VA. In die zin is het Vlaams Blok dus de enige partij die de dynamiek tot Vlaamse staatsvorming kan doorduwen, wat in het zuiden ongetwijfeld de eis tot een afscheiding van een "zwart" Vlaanderen zal versterken. Terwijl de traditionele, Vlaamse partijen communautair offensief na offensief lanceren, onder druk van nationalistische zweeppartijen (waar de CVP indertijd de spits mee afbijt tov. de VU), verweren alle overige bewegingen zich vanuit een defensieve optiek. Sedert de staatshervormingen van 1970 heeft er zich, als reactie op de federalisering van België, weliswaar zeer schuchter, een Belgische Beweging ontwikkeld. Men kan stellen dat deze pas gedurende het laatste decennium min of meer tot ontwikkeling kwam. Anders dan de Vlaamse wordt ze niet vertegenwoordigd door politieke partijen- zoals gezegd liep elke poging om het Belgische gedachtengoed in partijvorm te gieten faliekant af. De Belgische Beweging publiceert ook niet op grote schaal tijdschriften, pamfletten, brochures enz. zoals de Vlaamse dat wel doet. Op een paar uitzonderingen na gebeuren de debatten er in gesloten kring. De Belgische Beweging kent essentieel twee takken: de reactionaire, die een herstel wenst van het unitaire België en de federalistische. Deze laatste vindt haar vertegenwoordiging in BPlus. Deze beweging geeft soms de neiging aan een soort schuldcomplex te lijden tegenover de onrechten die vroeger aan de Nederlandstaligen in België aangedaan zijn. "BPlus is niet tegen Vlaanderen en trekt het nut, noch de noodzaak van de Vlaamse Beweging in twijfel." (www.bplus.be). Het is datzelfde (misplaatst) schuldcomplex dat ook in bepaalde Franstalige kringen wordt aangetroffen wanneer men er beducht op is te verklaren dat men "niet terugwil naar la Belgique à papa". In die zin schakelen groepen als BPlus zich (althans naar buitenuit toe) onvermijdelijk in in de logica van het federalisme, die vertrekt vanuit het gegeven dat België een multinationale Staat is waar twee volkeren, Vlamingen en Walen, met hun eigen politieke cultuur in een sfeer van multiculturalisme, solidariteit en samenhorigheid kunnen samenleven. Over hoe de Staat er dan wel moet uitzien, spreekt BPlus zich maar in zeer vage termen uit. Ondanks het aanwezige potentieel (topmensen als Pierre Chevalier, Willy Claes, Olivier de Clippele, enz.) weegt BPlus niet echt op het politieke leven. Het unitarisme leeft buiten BPlus ook nog in Pro Belgica, een sterk reactionaire en koningsgezinde beweging, die - weliswaar schoorvoetend- het federalisme aanvaardt. Ook Pro Belgica beperkt zich voornamelijk tot intern debatteren en ook deze beweging slaagt er niet in haar stempel op de Belgische politiek te kleven. Net zoals de Vlaamse Beweging, en zelfs veel meer, is de Belgische versnipperd en verdeeld. Een eensluidend project, een eensluidende visie op het Belgisch samenlevingsmodel is er niet. Wanneer het slechter zou gaan met België en de eenheid werkelijk in gevaar komt, valt het echter te verwachten dat deze bewegingen nog een voorname rol kunnen spelen. De Waalse Beweging is een vormeloos geheel, bestaande uit een consortium van Franstalige partijen die als doel heeft de staatshervormingen te blokkeren of de Franstalige belangen in België te verdedigen. Door onhandige politieke manoeuvres van de Belgische Beweging slagen Vlaams-nationalisten erin de strijd voor België af te schilderen als een strijd voor Wallonië of, enger, voor de PS. Het lijkt erop dat bepaalde Franstalige politici zich inderdaad maar aan België vastklampen in zover ze de Staat voor hun belangen kunnen misbruiken. Terecht zet de soms wankele taalwetgeving (Brussel, de faciliteiten ) kwaad bloed bij vele Nederlandstaligen. Anderzijds doet wel de Franse Gemeenschap de meeste inspanningen om individuele tweetaligheid bij de leerlingen te promoten. Omwille van de diversiteit is het onmogelijk de Waalse Beweging vandaag onder één noemer te vatten. Men kan wel stellen dat zij géén separatisme wenst, wegens het besef dat Wallonië economisch (nog) niet alleen kan. De Rattachistische Beweging lijkt op het eerste gezicht het zwakke broertje. Met zo'n 30.000 stemmen speelt ze geen rol van betekenis. Wel dient gezegd dat rattachisten (wellicht) in alle Franstalige, traditionele partijen te vinden zijn. Robert Collignon (PS), oud-voorzitter van de Waalse executieve bv. is een notoir rattachist. Om de doelen van de rattachistische beweging echter te verwezenlijken is er zowel onder de Franstalige bevolking als onder de Franstalige politici op geen draagvlak kan rekenen. Wanneer er echter vanuit het noorden een sterkere roep om verzelfstandiging zou komen dan zal naar alle waarschijnlijkheid het rattachisme, dat de aansluiting bij Frankrijk beoogt van Wallonië (en Brussel) wellicht zeer snel aan bijval winnen. 2. Succes en falen van de Vlaams-nationale beeldvorming over België 2.1 Welke beelden worden gevormd? Beeld en taal vormen de gangbare opinie over de maatschappij. Daarom is het belangrijk om, bij wijze van case study, de impact van de spraak die de Vlaamse Beweging gebruikt kort na te gaan. Voornamelijk in Vlaams-nationale beeldvorming over de Belgische beweging treft men trouwens een interessante paradox aan. Enerzijds wordt het Belgische regime of "establishment" als uitermate anti-Vlaams en oppermachtig voorgesteld en de staatshervormingen als opeenvolgende kaakslagen voor Vlaanderen. Vlaanderen beschikt aldus, zo zegt men, over een schijnautonomie in een stiefmoederlijke Belgische Staat. Anderzijds wordt regelmatig verklaard dat "België verdampt" en (op een natuurlijke) zal verdwijnen. Om dat te staven toont men aan dat steeds meer bevoegdheden enerzijds doorschuiven naar de deelstaten, en anderzijds naar de E.U. Het is duidelijk dat men de eerste bewering vnl. naar binnen toe gebruikt, om de militanten als het ware nog meer op te zwepen, en de tweede (meestal) naar buiten toe om de eigen positie als quasi-onoverwinnelijk te schetsen. De twee verzoent men door te stellen dat het niet de Vlaams-nationale partijen zullen zijn die België gaan opheffen, maar wel de 'traditionele' partijen zelf. Dit dan door een onoplosbare crisis tussen de gemeenschappen. Vreemd genoeg delen zowel de Belgischgezinde Marc Reynebeau (in de Canvas-uitzending van "Nachtwacht",13-09-2003 en in zijn recente boek "een geschiedenis van België") als Vlaams Blok-voorman Filip Dewinter ("Vrij Vlaanderen",april-mei-juni 2003, p. 5) deze mening. Een zeer grote verdienste van de Vlaamse Beweging is bovendien dat zij er (ten dele) in geslaagd is de Belgische als essentieel conservatief tot reactionair af te schilderen. Ondanks het pleidooi van vele Belgischgezinden tot openheid en verdraagzaamheid tussen taalgroepen, in se progressief. Wat reactionair is wordt dan onmiddellijk als oubollig en verwerpelijk beschouwd. Zo noemde Jaak Peeters bijvoorbeeld, partijraadslid van de Nieuw-Vlaamse Alliantie het pleidooi van de goede wil en de verdraagzaamheid tussen de gemeenschappen "oubollig" (opiniebijdrage Financieel Economische Tijd, 05-04-02). De assertieve houding van de Vlaams-nationalistische gezagsdragers heeft trouwens nog een belangrijk effect gehad: het defaitisme in de Belgische beweging en langs Franstalige kant van het politieke spectrum. Voor de ondertekening van de St-Michielsakkoorden zei trouwens Louis Michel reeds dat hij de "federalisering van de SZ" onontkoombaar achtte (Knack, mei 1993). Bij het uitkomen van zijn boek "nationalisme onder het mes" stelde Ludo Dierickx (Secretaris-generaal van Bplus) dat wat die organisatie nastreefde "utopisch" was (P-magazine, november 2002). Robert Deschamps, Naams professor en econoom stelde in Le Soir van vrijdag 29-11-2002 dat de "Franstaligen de splitsing van België, onontkoombaar wanneer de Vlaamse politici hun eis tot verdere autonomie zouden doorzetten, moesten voorbereiden". De stoere, voornamelijk pre-electorale, verklaringen van bepaalde Vlaamse politici hebben hun effect niet gemist Op die manier maakt men niet langer het essentieel onderscheid tussen Vlaming of Nederlandstalige en flamingant. Bij sommige opiniemakers langs Franstalige zijde is dit een oud zeer: Reeds sedert het begin van de 20e eeuw werden de Vlaams taaleisen weggehoond onder het mom dat ze "flamingantisch" waren en de Belgische eenheid als dusdanig bedreigden. In die zin staat deze vertekening in een lange traditie, in wezen geschraagd op de onwil tot aanvaarding van het feit dat België een meertalige Staat is. Terloops is dit ook één van de redenen die de - weliswaar bewuste- flamingantische beeldvorming over het "reactionaire België" voeden. Het grootste succes van de Vlaamse Beweging is dat ze, door de media, de maatschappij heeft weten te "vervlaamsen". In een opzienbarend artikel van 13-12-2002 wees Mia Doornaert hierop in De Standaard ("Wat Vlaamsch is, soms valsch is"). Zelfs het weer is "Vlaams". Vrt i.p.v. Brt. Vlaamse in plaats van Belgische kust. Niet "Henin wint van Clijsters", maar "Clijsters verliest van Henin".België wordt bijna niet meer gebruikt in de media, tenzij het echt noodzakelijk is. De teloorgang van de nationale media ontneemt België een publiek forum waarover gedebatteerd wordt over Belgische problemen, er ontstaat aldus een embryonale 'Vlaamse' en 'Waalse' publieke opinie. De media moedigen dit aan. Een debat tenslotte is niet gewenst. Over de staatshervormingen wordt bijna nooit gedebatteerd. Journalisten stellen bijna nooit de wenselijkheid ervan in vraag. Het Vlaams Blok wordt constant verketterd, maar de belangrijkste eis ervan wordt nooit in vraag gesteld. Toch bevestigen diverse opiniepeilingen dat het Belgisch natiebewustzijn ondanks alles nog veel sterker is dan het Vlaamse, Waalse of Brusselse. Volgens één zo'n peiling van J. Billiet heeft zo'n 80% van de Vlamingen geen moeite om zich te identificeren met België. (De communautaire items, ISPO, p. 1 . Voor degenen die een einde wensen te stellen aan België is dit natuurlijk een meer dan vervelend gegeven. Onmachtig om dit uit te leggen, beroept men zich vaak op het ingewikkelde karakter van de staatshervormingen. Op de politieke kloof tussen de taalgroepen die geen menselijke is. Op de "sentimentele aanhankelijkheid aan België". Volgens Senator Dedecker (VLD) "snappen de mensen niet (dat België moet barsten) omdat het te ingewikkeld is" (Dag Allemaal, januari 2004). In de aanloop van de verkiezingen gebruikte Stefaan Declerck (toenmalig voorzitter CD&V) het veelgehoorde argument dat "de mensen er niet van wakker liggen". Wat legitimatie betreft scoort Vlaanderen dus zeer slecht. De Vlaamse Gemeenschap compenseert dit door massale politieke propaganda (zoals bij 11 juli 2002 of de campagne "Vlaanderen leeft" van de jaren '90). Zonder succes evenwel. Typerend daarvoor was de niet bijster enthousiaste ontvangst van de bevolking voor de eerste, rechtstreeks verkozen, Vlaamse Raad in 1995. 2.2 Een eerste aanklacht: de transfers 3) Het sociaal-economische probleem "Vlaanderen is de melkkoe van Wallonië. De geldstromen nemen onaanvaardbare vormen aan. Vlaanderen moet zelf solidair kunnen zijn met Europa & de wereld"... zegt men. Is dat zo? In elk land zijn er transfers Ook al zouden de transfers van noord naar zuid zeer hoog liggen, dan nog is dit geen reden om tot een splitsing over te gaan. Solidariteit laat zich niet afmeten aan geld. Omgekeerd kan men ook zeggen: de transfers zijn onbestaand, dus is er niets meer dat de Gewesten tegenhoudt om hun eigen weg te gaan. De berekeningswijzen voor de noord-zuid transfers zijn éénzijdig en worden vaak berekend door organisaties met een Vlaams-nationalistische inslag (KBC). Wanneer men spreekt van transfers, heeft men het ook steevast over transfers van VLA naar WAL, de echte situatie is veel complexer (a). Het jongste KBC-rapport nuanceert de verschillen tussen noord en zuid en bevat géén pleidooi voor de splitsing van SZ: "Volgens de theorie van het fiscale federalisme wordt de herverdelingsfunctie het best toevertrouwd aan het centrale overheidsniveau. Een herverdeling op regionaal niveau dreigt immers te worden doorkruist door de mobiliteit van personen. Een centralisatie van de sociale zekerheid biedt bovendien schaalvoordelen: hoe meer verzekerden, hoe breder de spreiding van de verzekerde risico's" (p. 1) Bovendien zegt datzelfde rapport dat berekeningen over transfers slechts een "benaderend beeld" geven (idem). Interessant is ook de manier waarop aangegeven wordt hoe de transfers vanuit het VL Gewest plaatsvinden: naar de Federale Overheid (22,7%)- wat uiteraard normaal is, naar de financiering van Gemeenschappen en Gewesten (23,8%)- eigen aan het federale systeem zelf NB!, en tenslotte naar de SZ (53,6%). Inderdaad is deze laatste de voornaamste bron van "transfers", maar het aandeel neemt ervan sedert midden jaren '90 af, terwijl die naar de geldverslindende gewesten/gemeenschappen stabiel blijft (p.6) Hierbij dient nog opgemerkt te worden dat -Dit de kostprijs is inherent aan een uitmuntend systeem van SZ, opgebouwd door Belgen uit 3 taalgroepen (Anciaux: één van de beste ter wereld in zijn laatste boek) -Bovendien gaan 50% van de transfers in de SZ naar Brussel (p. 3). De "geldstroom" naar het Waalse Gewest is dus in de grootste uitgavenpost éven groot als die naar Brussel... Of is Brussel enkel maar "Vlaams" wanneer het gaat om problemen (bv. Ziekenhuizen?) -Tenslotte stelt het KBC-rapport: Er vindt inzake socialezekerheidsuitgaven m.a.w. een zekere convergentie tussen de gewesten plaats, die de regionale verschillen van het gemiddelde uitkeringsniveau in belangrijke mate heeft uitgevlakt. (p. 4) =>(b) Waar de KBC de transfers op 5,3 miljard Euro berekende, kwam het VBO uit op 3 miljard Euro/jaar. Dat scheelt een slok op de borrel. Het VBO acht - dat de transfers van West- naar Oost-Duitsland proportioneel groter zijn dan die van Noord- naar Zuid-België. Hetzelfde geldt voor de transfers van Ile de France naar de rest van Frankrijk en van Engeland naar Wales. Men kan daar ook de massale transfers van Noord- naar Zuid-Italië aan toevoegen en van de Amerikaanse Oost- en West-kust naar het binnenland - dat de noord-zuid-transfers omkeerbaar zijn. Vooral op vlak van pensioenen doet zich een omgekeerde beweging voor. De vergrijzing slaat meer toe in het noorden van België zodat de kans groot is dat binnen een 20-tal jaar de Franstaligen de pensioenen van de Nederlandstaligen zullen betalen. Dat laatste wordt ook door het recentste KBC-rapport bevestigd: De relatief snellere veroudering van de Vlaamse bevolking in vergelijking met de rest van het land weerspiegelde zich in een groeiend aandeel van Vlaanderen in de pensioenuitgaven (p.4). Dat geldt niet alleen voor de pensioenen: Zo lagen de uitgaven voor ziekte en invaliditeit (ZIV) in het jaar 1999 (KBC-rapport) in het Vlaams Gewest hoger dan het aandeel van dat gewest in de landsbevolking. Vandaag stelt de KBC: Ten slotte nam ook het Vlaamse aandeel in de grootste post van de sociale zekerheid, de uitgaven voor ziekte en invaliditeit (ZIV), verder toe. Dat aandeel ligt inmiddels al 3 procentpunten hoger dan het bevolkingsaandeel van Vlaanderen. De gemiddelde ZIV-uitkering per inwoner lag in 2002 5,2 % boven het landsgemiddelde (p.4) =>(b) Er zijn ook transfers van arm naar rijk, tussen steden, tussen provincies, etc. Onderzoek (DS) toont aan dat m.n. Waals-Brabant het hoogste per capita inkomen heeft van België. (Brabant als economische eenheid) Omgekeerd is het zuiden van West-Vlaanderen even arm dan Henegouwen! =>(c) Het aandeel van het Vlaamse Gewest in de federale begroting (p.5) zou inderdaad boven het landsgemiddelde liggen (maar maakt slechts 1/5 uit van de totale 'transfers', supra). Hiervoor, en voor eigenlijk alle "verschillen" tussen noord en zuid zijn allereerst enkele structurele problemen waarmee het Waalse Gewest kampt (sedert het einde van de jaren '60) aan te duiden: -de afwezigheid van havens en luchthavens (=polen werkgelegenheid), waarvoor door de unitaire Belgische Staat veel geld in het noorden werd gestoken -het faillisement van de steenkoolmijnen en de diepe economische crisis tot op de dag van vandaag voelbaar -de grotere agrarische/natuurkundige diversiteit/aanwezigheid die in dit gebied aanwezig zijn =>(d) Bovendien zou het Vlaams Gewest moeten weten dat het zelf alle baat heeft bij een economisch sterk Waals Gewest (zgn. Marshall-effect). Hoe meer koopkracht de Zuid-Belgen hebben, hoe meer zij ook in het noorden van België producten zullen kopen. In dezelfde zin heeft ook de Europese Unie tot streefdoel de economische verschillen tussen de lidstaten weg te werken. Het is dan moeilijk verdedigbaar op Belgisch vlak het omgekeerde te willen doen. Ook J. Sauwens (CD&V) onderschrijft deze stelling: De recente cijfers over de omvang van de transfers van Vlaanderen naar Wallonië en Brussel (DS 5 november) hebben veel reacties uitgelokt. Een opstoot van communautaire koorts die steeds terugkomt bij speciale gebeurtenissen: 11 juli-vieringen, nakende verkiezingen en regeringsonderhandelingen. Denk aan 'De Belgische ziekte' van Guy Verhofstadt (1997) en 'Ze leven op een andere planeet' van Karel De Gucht (2003). De vele reacties, ook de terechte, gaan voorbij aan de essentie. Het probleem ligt niet bij de (grote) transfers zelf, want zij zijn niet meer dan het symptoom van een ziekte. De kernvraag is: waarom zijn er grote transfers en wat maakt ze structureel? Ik beschuldig Wallonië niet van alle kwaad. Ik vertrek van objectieve vaststellingen. [...] De huidige transfers zijn louter inkomensondersteunend en kunnen het economisch zwakke Wallonië niet uit het slop halen. Het is een doodlopend straatje. De achterliggende oorzaak van de transfers is een ontwrichte Waalse arbeidsmarkt, het resultaat van een decennialang tekort aan economische dynamiek. [ ... ] Vlaanderen heeft alle belang bij een welvarend Wallonië. [...] Als Wallonië dezelfde werkgelegenheidsgraad als Vlaanderen kende, dan zouden ongeveer 150.000 mensen extra aan het werk zijn. Ze zouden mee sociale bijdragen betalen en er zouden minder uitkeringen moeten worden uitbetaald. [...] (DS 21.11.03) =>(e) In België is er sinds de creatie van de gewesten in 1980 en hun latere bevoegdheidsuitbreiding, ook op fiscaal vlak, veel minder economische solidariteit. De solidariteit op vlak van sociale zekerheid is slechts interpersoneel en lost de structurele economische problemen dus niet op. Zo riskeren de verschillen alleen maar groter te worden, wat trouwens de wens is van sommigen. De Staat moet m.a.w. in staat zijn niet alleen de macro-economische bevoegdheden te beheren, maar het gehele economische leven. Decentralisatie kan: 1) Territoriaal: naar de provincies (beter uitgerust om problemen op kleiner niveau aan te pakken, cf. FORD-Genk) 2) Decentralisatie locaal+sectorieel naar CAO-niveau => (f) Tenslotte: meer eenheid kadert ook in de Europese gedachte: harmonische economische ontwikkeling, Art. 2 Verdrag van Rome. The Community shall have as its task, by establishing a common market and an economic and monetary union and by implementing the common policies or activities referred to in Articles 3 and 3a, to promote throughout the Community a harmonious and balanced development of economic activities, sustainable and non-inflationary growth respecting the environment, a high degree of convergence of economic performance, a high level of employment and of social protection, the raising of the standard of living and quality of life, and economic and social cohesion and solidarity among Member States. 2.3 Vraag naar de Belgische meerwaarde Men zegt weleens dat "België geen meerwaarde heeft". Is dat zo? De Belgische Staat schiep de mogelijkheidsvoorwaarden voor de ontwikkeling van de Nederlandstalige cultuur en maakte van het Vlaams Gewest in Belgisch institutioneel kader één der rijkste regio's ter wereld Als het Vlaams Gewest onafhankelijk zou worden zou het rijker kunnen zijn. Wellicht niet (schaalverkleining). En dan nog? Brabant zou nog rijker zijn. Ons land heeft ook een uitstekende reputatie opgebouwd wat het bedrijfsleven betreft. Vlaamse bedrijven floreren niet alleen in het Belgische kader, maar ook buitenlandse bedrijven investeren gretig. Dat is normaal, België, immers, ligt op het kruispunt van Europa en is toch een land met een dichte bebouwing, een stevig bevolkingsaantal, een hoge welvaartsstandaard en een uitstekend wegennet. In nationalistische optiek zou een bepaalde groep mensen op één territorium een gemeenschappelijke geschiedenis hebben, eenzelfde taal spreken, aan een zelfde cultuur deelachtig zijn en - min of meer- dezelfde waarden delen. Het volk is dan soeverein en beslist wat het met andere volkeren wil samendoen (daarom zijn nationalisten a forteriori tegen grotere federale samenwerkingsverbanden zoals de E.U.). Los van de ethische waarde van deze definitie (behoren allochtonen wel tot het Vlaamse volk? Wat is de maatstaf om zich te integreren in een volk? Kan je als buitenstaander "echt" tot een volk behoren? Niet alle Nederlandstaligen hebben hetzelfde waardenpatroon, men kan tot verschillende culturen behoren etc ) zijn er ook praktische bezwaren.Immers, Limburg heeft met de rest van de zuidelijke Nederlanden geen gemeenschappelijke geschiedenis, Brabant wel. In de provincie Brabant anderzijds is er toch een splitsing, los van de historische affiniteiten, die bovendien ingaat tegen de economische logica. De taal lijkt dus doorslaggevend te zijn. Eén volk is één taal ("de tael is gansch het volk"- het begrip volk is een 18e eeuwse term ontstaan in de Duitse romantiek en gewoon een linguistische constructie.). Dat is nog problematischer. In dat geval kan enerzijds Antwerpen met evenveel rechten dan het Vlaams Gewest autonomie claimen. De spiraal van versnippering wordt dan oneindig. Nationalisten zullen dan stellen dat taal in regio's moet gebundeld worden. In dat geval vormen Vlaanderen en Nederland enerzijds en Duitsland en Oostenrijk anderzijds een regio. Maar die ruimtes zijn te groot om te beantwoorden aan de definitie van "regio"! Zijn Staten niet opgebouwd volgens het principe van bevolking? Volgens rechtsgelijkheid? Toegegeven, een ééntalige staat is makkelijker om te besturen, maar andere meertalige Staten (Zwitserland, Canada, ) blijken toch niet alleen te kunnen functioneren, maar hebben doorgaans een hoge welvaartsgraad. Ook institutioneel biedt ons land een meerwaarde. Binnenlands: op het vlak van een enorme dossierkennis door jaren ernstig debat opgebouwd in zake bijvoorbeeld defensie, justitie en een traditie van enorme vrijheden voor de burger in alle omstandigheden. Jammer genoeg is een schat aan dossierkennis voor bijvoorbeeld ruimtelijke ordening door defederaliseringen verloren gegaan. Ook ecologisch biedt Wallonië een surplus aan Vlaanderen De ultieme meerwaarde die België tenslotte biedt is Europa. Niet alleen is ons land oververtegenwoordigd in de Raad van Europa, maar onze stem wordt internationaal gerespecteerd. Als voorbeeld moge hier de crisis omtrent Irak in de lente van 2003 dienen. Grote Belgische staatsmannen zoals P.H. Spaak zijn bijna net even belangrijke grondleggers van de Europese Unie dan Churchill of Adenauer. Een onafhankelijk Vlaanderen heeft een eigen stem, juist. Maar wat voor één? En met welk gewicht? Naast de uitmuntende strategische ligging bezit ons land ook Brussel. Brussel is wellicht als metropool belangrijker dan de som van de twee andere "deelstaten" samen. Kan een onafhankelijk Vlaanderen Brussel met al zijn instellingen bewaren? Niet alleen de Europese, maar ook de zetel van de NAVO in Evere bijvoorbeeld. Men kan bovendien nog argumenteren wat de toekomst is van een federaal Europa (nationalisten willen een confederaal Europa van soevereine naties, de facto een terugkeer naar de periode van voor de EGKS) waarin een land met drie taalgroepen niet eens overleven kan. Sommigen hebben het in dit opzicht over het multiculturalisme van de Belgische maatschappij. Eerder een zwak argument: Ook Vlaanderen is multicultureel samengesteld. Maar dat laatste dekt toch niet alles. Ons land heeft bewezen dat drie taalgroepen (de Duitstaligen zijn trouwens de best beschermde minderheid ter wereld) in staat zijn op vreedzame wijze met elkaar samen te leven. En daar zal in de toekomst geen verandering in komen, waarom zou het ook? Wat is eigenlijk de meerwaarde van Vlaanderen voor België? En dan hebben we het niet over de Nederlandstalige cultuurgemeenschap, maar wel over het federalisme dat ons in drie gewesten met talloze deelregeringen en -parlementen opzadelt. Federalisme was een eis van nationalistische bewegingen. Nu is het er. Maar worden we beter bestuurd? Niemand geraakt nog wijs uit het Belgisch labyrinth. Een veel redelijker oplossing lijkt de staat te ontdubbelen en multipolair te maken. (infra) Tenslotte kunnen we ons afvragen wat de zin is van te redeneren in meerwaarde-theorieën. Zou Philips/Ford-Genk niet sluiten als Vlaanderen onafhankelijk wordt? Een economie gebaseerd op slavenarbeid biedt ook een relatieve meerwaarde maar wordt algemeen als inhumaan erkend. De toekomst is Europees. Het Vlaams-nationalisme daarentegen is fundamenteel anti-Europees (cf. ook supra). Het wijst het bestaande Europa af, en wil een ethnisch Europa waarin staatsgrenzen samenvallen met "cultuurgrenzen". Als VL zonder België kan (en dat kan het niet, infra), dan kan het ook zonder Europa. Het is net dat denken dat tot twee Wereldoorlogen heeft geleid. Het Vlaams-nationalisme bekampt naast België het idee van kosmopolitisme in haar streven naar een cultuurhomogene staat. In de strijd tegen het VB wil men punt 1 van het VB, de eigenlijke bestaansreden ervan: separatisme op (veronderstelde) ethnische gronden verwezenlijken. In die zin is er een parallel tussen Vl-nationalisme en islamfundamentalisme of zelfs nazisme. Het constant hameren op de eigenheid en virulent afwijzen van andere be-volkingscomponenten (infra) opent de deuren naar een totalitaire staat. Europa is gebouwd op de krachtlijnen van samenwerking tussen onderlinge staten. Men kan niet België afbreken en Europa opbouwen. Het Europa der regio's of volkeren is een gevaarlijke dystopie: De staten die we nu kennen zijn volgens nationalisten verouderd, 19e eeuws en zullen- en dit wordt voor België zelf vaak herhaald- enerzijds bevoegdheden afstaan aan de Europese Unie en anderzijds aan de gewesten. Zo zou het Europa van morgen een confederale structuur van monoculturele volkeren worden: de Vlamingen, de Welshmen, de Bretoenen, de Basken, de Friezen, de Schotten Niets echter wijst erop dat een evolutie zich in deze richting zich voltrekken zal. Allereerst kent Europa maar enkele federale staten (Duitsland,Zwitserland,Oostenrijk- en dan nog!- en-gedeeltelijk-Spanje) en bovendien zijn deze staten centripedaal gevormd (in tegenstelling tot ons land waar het federalisme centrifugaal is; vandaar dat men de bewering als zou een "Vlaamse grondwet" of een "paritaire senaat" de normaalste zaken zijn in een federale staat voor ons land niet opgaat. Zij vormen er slechts de bron van nog meer middelpuntvliedende krachten, daar waar in een ander federaal land-bv. Duitsland- de federale grondwet als koepel is komen te staan op de grondwetten van de deelstaten). Niets wijst erop dat er een lidstaat van de Europese Unie in staat van ontbinding verkeert, de meesten zijn unitair -zoals gezegd- en dit geldt eveneens, en zelfs nog meer, voor kandidaat-lidstaten in het voormalige Oostblok. Het Europa der regio's is bijgevolg niets meer dan een leugen of een nationalistische utopie. Bovendien kan men zich afvragen of de Vlaams-nationalisten wel zo "Europees" gezind zijn. In een federale staat kunnen ze niet met Franstaligen samenleven, wat zouden ze dan doen in een (toekomstig) federaal Europa waar ze met verschillende entiteiten samenleven? Wordt Brussel, of Vlaams-Brabant immers niet bedreigd door het 'franskiljonisme'? Hoe gaan middelpuntvliedende krachten in eigen land plots middelpuntzoekend worden in Europa? Het Vlaams-nationalisme is een monoculturele ideologie die zich onmogelijk kan integreren in een meertalig geheel. Vlaams-nationalisme kan bijgevolg nooit op Europa rijmen. Deze redenering gaat zeker op wanneer er over internationale verbanden zoals de NAVO of de VN gesproken wordt. Zowat alle conflicten vandaag zijn, niet voor niets overigens, nationalistisch van aard. De wereld wordt één. Nationalisme is dus ook antimundialistisch. De aard van het nationalisme in Belgische context is er niet op gericht om Vlaanderen een beter bestuur te verschaffen. België kan (en mag!) als "meervolkerenstaat" niet werken. Ook wanneer Vlaanderen er op alle vlakken op zou achteruitgaan, zouden er nog nationalisten zijn (vgl. Deutschösterreich muß wieder zurück zum großen deutschen Mutterlande, und zwar nicht aus Gründen irgendwelcher wirtschaftlicher Erwägungen heraus. Nein, nein: Auch wenn diese Vereinigung, wirtschaftlich gedacht, gleichgültig, ja selbst wenn sie schädlich wäre, sie möchte dennoch stattfinden. Gleiches Blut gehört in ein gemeinsames Reich., A. Hitler) . (Duits-Oostenrijk moet weer aansluiting zoeken nij het grote Duitse moederland etc) Het nationalisme is compromisloos ("rechtlijnig") en is voorlopig verankerd in het Belgische institutionele systeem. Sommigen menen dat 'het einde van België' nu reeds in de sterren staat geschreven. Zulke historische wetmatigheden zijn deterministisch en dus fout. Vlaams (of Waals-) nationalisme bestaat door de foutieve opvatting dat ons land essentieel uit 2 subnaties is opgebouwd. Dat is onjuist; de Belgen tonen zich bij grote gebeurtenissen (witte mars, overlijden Vorst enz) steeds als één volk dat de taalverschillen ruim overschrijdt (L. Van Der Kelen). En ook al waren er meer "volkeren" in één land, is dit nog geen bezwaar. Verschilt een allochtoon ook niet van een Nederlandstalige? En die komt (meestal) uit een niet-Westerse cultuur; Conclusie: het nationalisme (separatisme) moet worden afgewezen wegens ondemocratisch, onbelgisch, onvlaams, oneuropees, antimundialistisch. De flaminganten willen- zonder het te weten- trouwens ook VL kapot: Bij het Koninkrijk NL (stelling o.a. Bourgeois, Vandenbrande) Alleszins anti-Belgisch: "In onze strijd tegen België moeten wij van grenzen spreken. Wij moesten die grenzen bepalen en ervoor vechten. België was trouwens onze vijand. Duitsland is onze vijand niet. Wij hebben vertrouwen in de Führer." (S. Declerk) In een Germaanse ruimte (Vlaams Blok); Overigens is geen enkele vorm van racisme mogelijk zonder nationalisme (er bestaat geen meertalig racisme). Hitler eiste delen van Polen, Oostenrijk, Sudetenland, Oostkantons enz. op op taalbasis; nationalisme vertrekt steeds van het "eigen volk eerst principe" en sluit vandaar steeds àndere groepen uit. Men wil wel samenwerken met Arabieren maar niet met "de Walen"? Na separatisme wordt Wall. Onvermijdelijk bij Frankrijk gehecht (Eyskens). Zoiets zou voor de verfransing, de taalwetten etc. zeer nadelig zijn- op zijn zachtst gezegd 3. Redenen om het Vlaams-nationalisme af te wijzen 3.1 Ter inleiding: De leugen van het confederalisme Staatkundig heeft het Vlaams-nationalisme als doel, in eerste instantie, de verwezenlijking van een Vlaamse lidstaat van de Europese Unie. Ook binnen een confederaal België zou dit de facto het geval zijn. Confederalisme is immers separatisme daar het de oprichting nastreeft van twee soevereine staten die -weliswaar binnen een statenbond- nog beslissen wat ze samen verder willen doen. Een blik op de programmabrochure van CD&V (mei 2003, p. 78-80) toont aan dat deze confederaal-georiënteerde partij een einde wil stellen aan België. Ze eist immers de overheveling naar de deelstaten- in het kader van een confederaal model- van: het gezins- en gezondheidsbeleid, het hele werkgelegenheidsbeleid, de CAO's, de vennootschapsbelasting, delen van het veiligheids- en justitiebeleid, de huurwetgeving, de mobiliteit en de NMBS, het wetenschapsbeleid en het rampenfonds. Voorts eist de partij nog een splitsing van Brussel-Halle-Vilvoorde en een stem voor de deelstaten in Europa. Van alle traditionele partijen heeft CD&V het meest radicaal-Vlaamsgezinde. Het is duidelijk dat de uitvoering of het afdwingen van deze eisen onherroepelijk het einde van België zouden betekenen. Confederalisme is dus eigenlijk gewoon Wetstaat-taal voor "separatisme". Het is belangrijk dat deze woorden verklaard worden, wat overigens bijna niet gebeurt, teneinde te begrijpen waarover politici het hebben. 3.2 Waarom afwijzen? Tot nog toe heeft dit betoog vrijwel louter een descriptief karakter gehad. Waarom moet eigenlijk het separatisme (confederalisme) worden afgewezen? Daarvoor is het nodig om een antwoord te geven op drie vragen: 1) Heeft Vlaanderen (Wallonië) recht op zelfbeschikking? De Belgische regio's hebben uiteraard theoretisch recht op zelfbeschikking. Wanneer een voldoende aantal mensen erom vraagt een staatsverband op te richten, of een (ouder) staatsverband vrijwillig te verlaten is het een democratisch recht om dit te doen. Tot nader order echter, en er is geen reden dat hier in de toekomst verandering zou in komen, is er van de bevolking uit geen vraag naar secessie. De separatistische eisen zijn vooral die van de (noordelijke) politici. Voor de splitsing van milieu, landbouw, ziekteverzekeringen, NMBS, Sport enz. zijn nooit mensen op de been gekomen. Elke opiniepeiling toont bovendien aan dat de mensen in grote mate gehecht zijn aan België. Dat is trouwens, zoals eerder reeds opgemerkt, de reden dat zelfs partijen die België wensen op te doeken dit nooit expliciet in hun campagne vermelden. Hoog tijd dus voor een bindend referendum over deze materie. 2) Zullen onafhankelijkheid of andere scenario's de regio's ten goede komen? Toen België in 1830 onafhankelijk werd heeft het grote delen aan grondgebied verloren: Nederlands Limburg en Luxemburg, waar nochtans ook opstandelingen vandaan kwamen. Nadien hebben Leopold I, die toch op een goed blaadje stond bij de toenmalige hoven en zijn opvolger, Leopold II er ongeveer een halve eeuw over gedaan om België op de Europese kaart te zetten. Waarom zou Vlaanderen dat sneller kunnen klaarspelen? Natuurlijk zijn Estland of Tsjechië ook nieuwe staten maar wat is het gewicht van deze twee landen versus België dat een trouwe EU-partner is en een bondgenoot van de VSA. Het is dus niet alleen de vraag of Vlaanderen onafhankelijk kan worden, maar ook in welke vorm (kan het Brussel behouden bv.?) alsook welke rol het internationaal kan spelen. Noch de merknamen Vlaanderen, Wallonië en/of Brussel genieten trouwens internationale bekendheid (Brussel nog het meest van de drie). Het is bovendien ten zeerste de vraag of de EU deze splitsing zal toelaten, daar zij niet het risico zal willen lopen dat andere groepen (de Basken, de Normandiërs ) separatisme in België als precedent zouden aangrijpen. Al bij al is separatisme een sprong in het duister. Waar er al geen vooropgezette, eenduidige strategie bestaat en bestond binnen de Vlaamse Beweging om de ontvoogdingsstrategie binnen België uit te tekenen lijkt het sterk betwistbaar dat Vlaanderen een prominente rol kan spelen in de EU, laat staan in de wereld. 3) Valt separatisme op ethische gronden te verwerpen? Een historisch essay §1 Wording van België (1789-1830) "Ik moet in Vlaanderen de eerste racist nog tegenkomen". Uitgerekend Filip Dewinter (VB) heeft ooit met deze boutade uitgehaald. De vraag of er een verband bestaat tussen de volksnationalismen in België en racisme is een moeilijke vraag die een uiterst gevoelige snaar raakt. Langs de ene zijde kan men niet elke vorm van nationalisme afkeuren: België ontstond immers ook door nationalisme, anderzijds zijn er door nationalistische excessen twee wereldoorlogen en vele regionale conflicten gecreërd. Het gaat dus niet op om "nationalisme" sine qua non gelijk te schakelen met racisme, maar dit zou weleens kunnen gelden voor (Vlaams) volksnationalisme. De Belgische natie is ontstaan door liberale en katholieke krachten die, in navolging van de Amerikaanse (1776) en Franse Revolutie (1789) inwerkten op de Zuidelijke Nederlanden, waar de verschillende vorstendommen, net als elders in Europa, onderhevig waren aan een centralisatie en unificatieproces, i.c. door het Huis van Bourgondië, en later door de Habsburgers. Zowel liberalisme als katholicisme waren prominent aanwezig in de Brabantse omwenteling (1789-1790) als in de Belgische Revolutie (1830). Wanneer het hen schikte werkten Clerus en de burgerij samen ('monsterverbond'), zoniet bestreden ze elkaar. Hierbij dient opgemerkt te worden dat de Belgische Revolutie door de (hogere) middenklasse was begonnen. Een ééntalig Franse Staat werd gecrëerd. Dat hier verzet rees van Nederlandstaligen is niet opmerkelijk, dat het verzet reeds in het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden aanwezig was is minder bekend. In de Zuidelijke Nederlanden werden verscheidene talen gesproken, met verschillende subdialecten: het Vlaams, het Brabants, het Limburgs, het Luxemburgs, het Waals en het Frans. Willem I wilde in deze het zuiden niet voor het hoofd stoten en schreef in 1818 in het werk van de hiermee belaste Grondwetscommissie: "Nationale taal Nederduits, zijnde: Hollands, Vlaams en Brabants". In 1822 berichtte de Franse gezant in Nederland aan zijn regering dat "de Koning in het zuiden het Vlaams bevoorechtte, maar dat de Hollandse aap mettertijd wel uit de mouw zou komen". (L. WILS, Vlaanderen, België en Groot-Nederland, mythen en geschiedenis, p.57-5 In 1834 verklaarde J.F. Willems, één der vaderen van de Vlaamse Beweging dat hij "het Vlaemsch verdedigd had tegen de bekrompenheid der Hollandsche spellingregels". (op. cit., p. 60). Na 1830 werden de Nederlandstaligen in België gediscrimineerd, omwille van hun taal- overigens niet zo uitzonderlijk in Europa, de Nederlandse universiteiten namen ook pas Nederlands aan in de universiteiten sedert 1876-, wat niet leidde tot rancunes tov. de Belgische Staat, maar wel tot een poging tot versterking van het Nederlands, een overstijgen der particularismen teneinde een bewijs te leveren dat het de Nederlandstalige component een essentieel onderdeel was van het nieuwe Koninkrijk. De opeenvolgende taalwetten (vanaf de jaren 1870) verbeterden weliswaar de situatie, maar brachten geen soelaas. Een reactie op de Vlaamse Beweging evenwel was de Waalse Beweging die ervoor vreesde dat Franstalig België geminoriseerd zou worden door een 'achterlijk' Vlaanderen. Zij was dan ook elitair, vrijzinnig en links. Daartegenover was de Vlaamse Beweging van in den beginne grotendeels katholiek en rechts- er waren uitzonderingen. Het is belangrijk om dit te weten, omdat deze twee krachten zich doorheen de geschiedenis, en met name vanaf 1945 steeds zouden verenigen tegen de Belgische Natie. §2 De Vlaamse Beweging onder pangermaanse invloed (1914-1945) Er is geen enkele divergentie te ontwaren tussen Belgisch nationalisme en flamingantisme voor 1914, integendeel: beiden vulden elkaar aan op één lappendeken. Het was de Duitse inval in 1914 die hierin verandering bracht. Niet zozeer de Vlaams-nationalistische, dan wel de Grootnederlandse idee werd door het Keizerrijk aangehangen. "België kapotmaken ter wille van Nederland, dat neutraal was" (men leze o.a. "Wereldoorlog I: geschiedenis, voorlopige nota's", Brussel, 2002 door L. DE VOS). Reeds rond de eeuwisseling droomden pangermanisten van een Duits Europa waarin vazalstaten zouden 'geluxemburgisiert' worden (Luxemburg was in de 19e eeuw toegetreden tot het Zollverein, sommige Duitsers hoopten, in navolging van 1870 hiervan dat Pruisen hierdoor ook België, Nederland, en Luxemburg althans economisch zouden kunnen opslorpen). Von Sandt, hoofd der Zivilverwantung in Brussel schreef op 2 september 1914 in navolging van Kanselier Betmann-Hollweg dat de Vlaamse Beweging moest ondersteund worden teneinde in Nederland "indruk te maken" ( Bescheiden, RGP, 137, nr. 123). Het weze voor de goede verstaander duidelijk dat het het Duitse Rijk maar in tweede instantie interesseerde hoe België of Vlaanderen eruit zou zien. Dat het verminkt uit de oorlog moest komen en dat met name Nederland samen met (minstens) Vlaanderen bij Duitsland moest worden gevoegd (een gelijkaardig plan werd voor het "soevereine" Koninkrijk Polen, losgerukt uit het Russische Tsarenrijk voorzien). Het Grootnederlands denken, dat tot op vandaag de Vlaamse beweging beïnvloedt is dus in een staatkundig, instrumenteel concept gegoten door de Duitse overheid. Heldere geesten zagen dit al naar het einde van de oorlog toe. Zo bijvoorbeeld L. du Castillon in het Belgisch Dagblad van 9 februari 1917 (p.1): "In andere woorden voorspelt men in het Duits blad - bedoeld wordt het Nederlandse blad 'De Toekomst', door Duits geld gesubsidieerd- in geval van Duitsche overwinning de vernieling van België, de verduitsching van ons land en een onderjukt en verslaafd Vlaanderen, dat wel zou mogen leven als het verlangt, maar onder de laars van den Pruis. De Vlaamsche activisten streven bewust of onbewust naar die Duitsche toekomst, hierin geholpen door de Vlaamsche partij en een zelfstandig Vlaanderen dat zij willen oprichten als een zelfstandig Polen." Natuurlijk waren er voornamelijk geo-politieke redenen die aan deze beslissing voorafgingen, met name het bezit van de Belgische (En Nederlandse) havens, zo belangrijk voor Duitsland dat geen toegang had tot de zee, tenminste niet voldoende toegang. Ook in Nederland pleitte Kuyper, voorman in de ARP, Hoofdredacteur van de (Nederlandse) Standaard, het partijblad, voor een een ontbinding van België in een federatie van twee koninkrijken (op. cit., p. 267). Hij was echter wel behoedzaam voor het "belgicisme" en waarschuwde om hier niet tegen in te gaan. (idem). Vandaar een in eerste instantie geleidelijke oplossing voor België. Dat de Vlaamsvoelendheid onder de bevolking zeer klein was, toont onder andere de "Catechismus der Vlaamsche Beweging", in 1917 aan het front uitgegeven was, aan: "11° vraag: "Maar de Vlaming is tevreden en wenst geen verandering! '(zoo dat juist is) bewijst hem niets meer (dan dit) de dringende noodzakelijkheid der Vlaamsche beweeging: De veege tekenen in het Vlaamsche volk zelf: onwetendheid en ongevoeligheid" (Ze liggen er niet van wakker!) (uit: J. ANTHIERENS, "de Ijzertoren, onze trots en schande", p. 200). In 1918 werden Vlaanderen en Wallonië van elkaar gescheiden. Vlaanderen werd in haar "onafhankelijkheid" bestuurd door de 'Raad van Vlaanderen', met daarin Aktivistische topfiguren. Enkele maanden nadien echter was België weer vrij en zat de Vlaamse Beweging aan de grond. Zo is het duidelijk dat in Wereldoorlog I twee visies met elkaar botsten en op elkaar inspeelden: De Vlaamse Beweging enerzijds, met haar minimalistische eisen voor tweetaligheid in Vlaanderen en de Duitse beweging anderzijds. Uit deze symbiose groeide een verzet tegen de structuren van de Belgische Staat zelf, geëmaneerd door de Frontbeweging en de 15.000 Activisten in onbezet België (beiden stonden trouwens met elkaar in contact). Welk was dan deze breuklijn in België, die men sedert 1918 "communautair" noemt? §2* Welke kwestie? Was het een rassenkwestie, zoals de joden in Europa ondervonden? Hierop kan ontkennend worden geantwoord. Er is trouwens maar één menselijk ras. Een godsdienstkwestie was het ook al niet, heel België was katholiek, de industriële centra in het zuiden al minder, maar toch. Een nationaliteitenkwestie dan? Het is aanlokkelijk om dit aan te nemen. Joegoslavië, de Sovjetunie enz. werden vaak omschreven als "multinationale" staten. Het nationaliteitsbegrip echter is uiterst rekbaar en is bijna niet te beschrijven. Wanneer een voldoende aantal inwoners een nationaliteit aanvoelt kan men spreken van een "natie". Historische achtergronden kunnen daarin als katalysator spelen, desalniettemin is Duitsland gevormd door een samenvoeging van gebieden die eeuwenlang aparte vorstendommen vormden. Zo ook Spanje. Is taal een natievormende factor? Ontegensprekelijk wel. Al was het maar door het feit dat de centrale organen sedert de 18e eeuw in de nieuwe natiestaten professionalisering, centralisering en rationalisering nastreefden. Dat zoiets makkelijker in één taal gaat hoeft geen betoog. Tot op vandaag wordt in Nederland het Fries niet erkend als officiële taal en heeft de VSA waar zovele talen worden gesproken slechts één officiële taal: het Engels. Taal kan dus naties vormen, maar hoeft er geen te vormen. De Sovjetunie (communistisch regime), Joegoslavië (imperialisme, godsdienstverschillen) of Tsjechoslovakije (economische verschillen) zijn niét door taalverschillen uit elkaar gevallen. In Ierland prevaleerde een godsdienstverschil, in Israël ook. Zo heeft taal dus wel in de 18e en 19e eeuw naties gecreërd, maar schijnt dit niet het geval te zijn in de 20e eeuw. Wat vast staat is dat er in België trouwens geen sprake is van een nationaliteitenkwestie, maar louter en alleen van een taalkwestie. Het Belgische "probleem" valt te reduceren tot een taalprobleem waarop meerdere "lagen" zijn aangebracht. Jules Destrée heeft in zijn Brief aan de Koning (1912) dan wel als eerste gepleit voor een bestuurlijke scheiding tussen Nederlands- en Franstaligen, maar het waren de flaminganten en de Duitsvoelenden onder hen meerbepaald die de "Germaanse" ideologie (Heim ins Reich) overnamen en tot een politiek instrument uitwerkten, ook en vooral na WO I, toen zowat de hele Vlaamse Beweging- niet toevallig dus- in Duits (fascistisch) vaarwater terechtkwam. Vandaar dat de Vlaamse (of Waalse) "identiteit" voor sommigen wel reël is, maar grotendeels gecrëerd is ter legitimatie van een soort subnationaliteit die het "Franse" België bestreed. Zij die in deze beweging sedert 1918 het voortouw hadden, en zij die het vandaag hebben kunnen dan ook nooit de democratische principes aanvaarden. De crisis van het parlementarisme in de jaren '20 en '30, toen zowat heel Europa ofwel autoritair, communistisch of fascistisch was heeft dan ook vrij snel de Vlaamse en Heel/Grootnederlandse beweging omarmd. In Wereldoorlog II koos het grootste deel van de Vlaamse Beweging onvoorwaardelijk de Duitse kaart. Nochtans hadden de Nederlandstaligen in de jaren '30 politiek een gelijke positie dan de Franstaligen: de gelijkheidswet (1898) had van het Nederlands reeds een staatstaal gemaakt. De territoriale eentaligheid van Vlaanderen werd in de periode 1932-1938, afgezien van Brussel en het vastleggen van de taalgrens (de talentellingen zouden na WO II op veel verzet stuiten), gewaarborgd. Toch radicaliseerde, zoals reeds gezegd, de Vlaamse Beweging verder. Het lijkt er een kenmerk van te zijn dat zij, ofschoon haar eisen grotendeels ingewilligd zijn, steeds blijft muteren en radicaliseren. Niet alleen in de jaren '30, maar ook vandaag nog. De lijn van collaboratie die met name het VNV (onvoorwaardelijk, vanaf 10 november 1940) aannam moet dan ook niet als toevallig beschouwd worden, maar als een logisch vervolg van het verzet tegen het Belgisch-parlementair "establishment" (dat heeft Bruno DEWEVER in zijn prachtige studie "Greep naar de macht" trouwens overtuigend aangetoond). België kwam trouwens niet onder een - meer ideologische- 'Zivilverwaltung', zoals Nederland, maar onder een 'Militärverwaltung'. De doelen van de bezetter waren echter dezelfde dan in 1914, de collaboratie groter en ideologisch gekleurd. En net zoals in 1918 wordt België in het laatste jaar van de bezetting opgedeeld in een Reichsgau Flandern en in een Reichsgau Wallonien. De rol van het VNV is dan al grotendeels uitgespeeld ten voordele van de "eenheidspartijen" DeVlag (Duits-Vlaamsche Arbeidsgemeenschap) en "Rex" van Degrelle. De collaboratie viel in zeer slechte aarde en de gehele Vlaamse Beweging ei zo na uitgeroeid. Tot tweemaal toe werd de Ijzertoren (1945-1946) gedynamiteerd. §3 Offensief tegen België (1950-2004) Waarom dan is het unitaire België geëvolueerd tot een federale Staat? Alvorens de unitaire Staat zou hervormd worden, zouden eerst nog 25 moeilijke jaren (1945-1970) volgen. Zoals we eerder reeds zagen was langs Vlaams-radicale zijde het federalisme,het separatisme, het Grootnederlands denken etc. gegroeid uit een ongenoegen met de Belgische parlementaire democratie enerzijds en uit een groot-Germaans, Völkischer denken anderzijds. De taalwetten, het uitblijven daarvan of de slechte naleving ervan hebben deze wrevel enkel doen groeien. Maar deze laatsten kunnen niet aanzien worden als oorzaak van het streven naar autonomie, immers die konden ook een oplossing vinden binnen de Belgische context. De ware redenen om tot federalisme over te gaan waren een obsessie met culturele zuiverheid en een zeer grote haat en naijver tegenover de Belgische Staat. Natuurlijk kon een zo vernederde en gebrandmerkte Vlaamse Beweging niet weder opstaan na WO II zonder de hulp van andere, politieke krachten. Wat zal blijken is dat de (rechtse), Vlaamse Beweging haar objectieve bondgenoot zou vinden in (Waals) links. In de jaren '50 speelde de Vlaamse Beweging geen rol van betekenis. Wat echter wel plaatsvond was een hergroepering van de krachten. De Vlaamsche concentratie die in 1949 naar de stembus trok met als voornaamste eis 'amnestie' vond geen gehoor bij de kiezer. De CVP haalde wel, uit een soort angstreflex, enkele Vlaamsgezinden binnen. (E. WITTE, J. CRAEYBECKX et al., politieke geschiedenis van België, Antwerpen, 1997, p. 355-357). De talentelling van 1947, die het verfransingsproces rond de taalgrens aantoonde zette kwaad bloed. De traumatiserende Koningskwestie, die tot 1950 had geduurd toonde in veler ogen aan dat er binnen België een breuk bestond. Nationalistische organisaties en partijen werden langzaamaan (weder)opgericht: de VU, waarvan velen de Nieuwe Orde niet ongenegen waren, was de opvolger van het vooroorlogse VNV. Maar er waren er meer: Het VMO (1949), TAK (1958) en Were Di (1962). Dat de VU mikte op het katholieke kiezerspubliek, de kleine burgerij en middenklasse- hetzelfde kiezerspubliek als het VNV voordien- en er sedert 1960, mede door het uitblijven van een oplossing rond de taalgrensregeling succes mee wist te boeken, was voor de CVP hét signaal om te "vervlaamsen". De katholieke partij (CVP-PSC) was ipso facto in 1969 op taalbasis gebroken (Op. Cit, p. 358). Toch zou de Vlaamse Beweging er nooit in geslaagd zijn het federalisme in België door te duwen zonder steun van de Waalse. Sedert 1945 was het duidelijk dat de Nederlandstalige bevolking in België de Franstalige sterk minoriseerde en dit in de toekomst nog meer zou doen-de kreet "la Wallonie se suicide" was reeds in het interbellum te horen geweest. Reeds in 1945 pleitte een "Waals Congres" voor Waalse autonomie, eerst zelfs voor aanhechting bij Frankrijk. Toen bleek dat de crisis in de staal- en steenkoolnijverheid- mede voortgevloeid uit het feit dat grote holdings zoals de Société Générale in perioden van economische hoogconjunctuur verzuimd hadden om te investeren in nieuwe apparatuur-, zo dramatisch uitgekristalliseerd in de mijnramp bij Marcinelles (1956), steeds dieper werd, gingen meer en meer stemmen op in links Wallonië voor federalisme. Met name de Franstalige vleugel van de socialistische vakbond steunde dit, en dan vooral het Luikse FGTB. De oplossingen voor de sociale drama's waren volgens hen: etatisme en federalisme, waardoor Wallonië zelf de crisis zou kunnen aanpakken. (H. BALTAZAR, J. DE BRABANDER, et al. Culturele Geschiedenis van Vlaanderen, deel 4, Deurne, 1983, p. 134, Op. Cit, p. 360). Dit "renardisme" (genoemd naar de Waalse federalist A. Renard) ging ervan uit dat de Franstaligen in een 'Vlaams' België geminoriseerd zouden worden. De stakingen tegen de eenheidswet (om de deficitaire rijksfinancieën te saneren) van de katholiek-liberale regering waren hier het duidelijkste voorbeeld van (1960-1961) (Op. Cit., p. 118) Anderzijds vreesde de Nederlandstalige vleugel van de BSP in Vlaanderen geminoriseerd te worden door het katholieke kiezerspubliek, wat mede verklaart waarom de socialistische partij als langste (tot 1978) unitair gebleven is. In de jaren '60 zagen verschillende taalpartijen langs Franstalige kant het daglicht: de MPW, het FDF (te Brussel), het RW. Toch probeerden de Belgischgezinde krachten te pacificeren: in 1963 werd de taalgrens definitief vastgelegd (in 1961 waren talentellingen reeds verboden). België werd nu ook feitelijk opgedeeld in 4 taalgebieden: Een Nederlandstalig, een Franstalig, een Duits en een tweetalig (Brussel en de faciliteiten). Dat was een regeling waarvan de omtrek reeds 30 jaar eerder bepaald was, maar die nu pas in een wettelijk kader gegoten werd. Na de oorlog stroomden meer mensen uit de primaire en secundaire sector en werd de tertiaire versterkt. Dit verklaart mede waarom er een grotere instroom was naar de universiteiten toe. Deze moesten dus uitbreiden. Leuven kende sedert het interbellum tweetalige leergangen. De uitbreiding van deze universiteit (over noord-Brabant?) was zowel voor flaminganten als voor vrijzinnigen een doorn in het oog. Rond de revolutionaire 1968-1970 (verzet tegen autoriteit) bereikten de taalpartijen zoals VU (18%) en RW (21%) anderzijds dan ook hun hoogtepunt. Wallinganten-van oudsher zoals aangetoond bevreesd voor minorisering- eisten federalisme en bescherming voor Franstaligen in het Parlement (grondwetswijzigingen slechts met 2/3 meerderheid in iedere goedkeuren) en flaminganten (in de eerste plaats) culturele autonomie. Onder zware druk werd de Leuvense universiteit ontdubbeld. De meest Belgische partij (PVV-PLP) spatte uiteen na een (relatieve) nederlaag na een enorm unitaristische campagne tegen het flamingantisme (1968). Twee jaar later kon de unitaire Staat opgedoekt worden. Het beruchte artikel 104quater zorgde voor een soort federalisme met niet-afgebakende gewesten (zeker niet wat Brussel betreft) en zonder fiscale autonomie. Ook werden er naast gewestraden cultuurraden opgericht. De dubieuze regeling zorgden voor een aantal crises in de jaren '70. Met verschillende regeringsvallen tot gevolg. Wallinganten en FDF-ers vormden trouwens een alliantie waardoor flaminganten enkel een afgelijnder federalisme konden doordrukken als ze toegaven aan de eis om Brussel ver buiten haar gewestgrenzen uit te breiden. Hetgeen ze niet deden. Het Egmontpact (1977) door rooms-rood en VU-die sinds 1968 stagneerde- uitgevoerd stuitte op fel flamingantisch verzet (omdat aan de pariteit in Brussel wordt opgegeven). Dat leidde tot nog een revival van extreem-rechts-Vlaams: Het Vlaams Blok. (Op. Cit., p.140-141, NEVB). Vanaf dan heeft het radicaal-Vlaams extremisme zich wederom openlijk kunnen manifesteren. De opmars van het VB gebeurde sedert de radicale migratiestandpunten (1984) in steile lijn. Het resultaat waren opgezweepte "democratische" partijen die meenden dat, door de Vlaamsgezindheid van het VB te copiëren, deze de wind uit te zeilen te nemen. Het draaide echter anders uit. Er werden weliswaar 3 gewesten en drie gemeenschappen gevormd (1980 en 1988), met vrij ruime bevoegdheden, te weten sinds de dubbele hervorming 1993-2001: sport, ruimtelijke ordening, milieu, toerisme, buitenlandse handel, verdragsrecht,waterbeleid,openbare werken, energie, onderwijs, verkeer, media,vervoer, landinrichting, huisvesting, landbescherming en jeugd. De persoonsgebonden materies komen de Gemeenschap toe, de plaatsgebonden het Gewest, maar de staatshervorming leek en lijkt de nationalistische revendicaties nog aan te wakkeren. In deze tweedeling merkt men zeer goed de sporen van de verschillende drijfveren van de twee kampen. Bij de Vlaams-nationalisten overheerste de wil tot een afgebakende cultuur, bij de wallinganten de wil tot economische zelfbeschikking. Beiden vonden elkaar in een vreemde, hybride staatsstructuur. In die zin is de staatsstructuur een compromis tussen links (SP-PS die elke staatshervorming heeft goedgekeurd) en rechts. Links heeft nooit gekozen voor België, en weigert te kiezen voor Vlaanderen, althans openlijk, omdat het geen vaderland kent. Daarom is links een gevaar in de handen van de meestbiedende, de nationalisten. Zo verklaarde de linkse Y. Desmedt in "Meervoud": Geef me een redelijke oplossing voor Brussel en ik teken voor een onafhankelijk Vlaanderen'. Het was sp.a-voorzitter Stevaert die, zo verklaart hij trouwens zelf in zijn boek ("Steve op de rooster gelegd", Brussel, 2003) als één van de eerste (grote) politici koos voor een regionalisering van de NMBS (p.50) En wie was de auteur van dat boek? Jawel, Yves Desmedt. Het was ook de linkse partij, Agalev die voor de noodzakelijke meerderheid in het St-Michielsakkoord zorgde. Paradoxaal genoeg hebben noch de N-VA, noch het Vlaams Blok ooit een staatshervorming goedgekeurd. Er zit trouwens ook geen enkele structuur in de staatshervormingen, ze leiden nergens naar. Tenzij naar minder België, hetgeen de flaminganten al wensen sinds 90 jaar. Zo gebiologeerd met "zuiverheid" van het "Vlaamse volk" ze zijn en zo vervuld met minachting voor "de Walen" is hun in het begin rechtvaardige eis tot zelfberechtiging omgeslagen naar een hypernationalistisch ondemocratisch denken. De eisen die tot de taal-emancipatie geleid hebben liggen straks een halve eeuw achter ons. Zogenaamd gematigd flamingantisme dat én Vlaams-nationalistisch én anti-Belgisch is heeft dan ook geen enkele kans om vandaag te overleven: van die gematigde stroming zijn alle eisen ingewilligd en van de radicale stroming blijft-in partijvorm althans- enkel het antiparlementaire Vlaams Blok over. Net als de N-VA huldigt deze partij wat B. Wezenbeek de "verrottingsstrategie" noemt: 'Een intellectueel fraaie, maar duivelse dialectiek (die) elk akkoord afwijst, in de hoop dat de democratie dan uiteindelijk barst' (Knack, 6-07-1994, p. 15). Na het uiteenspatten van de VU staat het flamingantisme trouwens sterker dan ooit. De partij die onder die naam doorging wordt nu vertegenwoordigd door: de N-VA, het Vlaams Blok, Spirit (die openlijk voor een statenbondstelsel kiest en in kartel is met de sp.a die krachtens haar "toekomstverklaring" van 1998 uitdrukkelijk het confederalisme en separatisme afwijst!) en een aantal CD&V en VLD-parlementariërs. Met deze, weliswaar korte, (historische) beschouwingen is het echter nog niet aangetoond dat de Vlaamse Beweging vandaag ondubbelzinnig als racistisch kan beschouwd worden. Hoogstens wijzen bepaalde signalen daarop, al was het maar in haar dubieuze ontstaansgeschiedenis. Het CGKR (Centrum voor Gelijke kansen en Racismebestrijding) onderscheidt drie vormen van racisme: Racisme op biologische grond claimt de erfelijke ongelijkheid tussen rassen; racisme op culturele basis de superioriteit van de eigen beschaving. Neo-racisme verhult het voorgaande door te stellen dat culturen homogeen moeten blijven en dat volkeren dus slechts naast en niet met elkaar kunnen leven. Het is duidelijk dat de huidige Vlaamse Beweging zich niet zozeer in de eerste definitie laat omvatten, dan wel meer in de tweede en in de derde. Op de CD&V-conferentie van 8 juni 2002 sprak flamingant Prof. Dr. Wim Moesen over de mogelijkheid om de "verschillen tussen volkeren op een meer wetenschappelijke manier te onderbouwen" (L. Dierickx, nationalisme onder het mes, Antwerpen, 2002, p.95-96). Wanneer er geconstateerd wordt a/ dat volkeren bestaan b/ dat deze verschillen, c/ dat men deze verschillen wetenschappelijk kan onderbouwen, dan kan men ook wetenschappelijk onderbouwen welke volkeren Übermenschen zijn en welke Üntermenschen. Het is dit soort denken dat de nazi's gebruikten en het is ook dit, ethisch verwerpelijk determinisme, waarop de Vlaams-nationalisten steunen. België wordt gewoontegetrouw omschreven als "een meervolkerenstaat", zonder "(publieke) cultuur" met twee landsdelen die zo fundamenteel van mekaar verschillen dat de politieke leiders andere beslissingen nemen. Gezien de hierboven geschetste ontwikkeling van het pro-Belgisch flamingantisme dat geleidelijk, onder Duitse invloed, een evolutie kende naar een rabiaat (neo)-conservatief anti-Verlichtingsdenken, vaak met een minachting voor de parlementaire democratie, is dit niet verwonderlijk. De logica van het Belgische federalisme, zoals we gezegd hebben gecreërd door een alliantie tussen Vlaams-rechts en Waals-links heeft ook de deur opengezet om élke persoons- of plaatsgebonden materie te regionaliseren (er is immers geen normenhiërarchie). In die zin hoeft men niet eens een ideologisch- maar wel een pragmatisch (zoals Stevaert)- nationalist te zijn om in nationalistische staatshervormingen mee te stappen. Het Belgisch federalisme is geschoeid op deze leest, tot falen gedoemd en dient dan ook vanuit humanistisch, Christelijk, socialistisch, liberaal, kortom vanuit het standpunt van de menselijke naastenliefde- die niet kijkt naar kenmerken waaraan het individu niet aan ontsnappen kan (zoals moedertaal)- resoluut afgewezen te worden. 3. Een noodlottige toekomst? Is de toekomst in België, in dewelke het land verdeeld wordt, onontkoombaar? Zullen de Belgische regio's zoveel aan belang winnen dat zij uitgroeien tot Europese deelstaten? Die kans bestaat. Wij moeten niet verdedigen dat (bijna) geen enkele politicus uit de zgn. "democratische" partijen het opneemt voor België. Het stijgend electoraal succes van het Vlaams Blok doet onze hyperkinetische politici schijnbaar nog meer panikeren en nog meer opteren voor méér Vlaanderen. Zo spreekt de "coming generation" van de VLD, gegroepeerd in "generatie 2016" nu reeds: "In het federale Europa moet Vlaanderen verder uitgroeien tot de belangrijkste bestuurslaag, die over alle hefbomen beschikt om de toekomst voor te bereiden.". Dit is separatisme, verhuld in een wollig discours. Duidelijkheid is noodzakelijk, en mere dan ooit wenselijk. Laten we eens veronderstellen dat België "op een goede dag" inderdaad uiteenvalt. Wat moeten we ons daar dan concreet bij voorstellen? Vermoedelijk zullen het de Franstalige partijen zijn, die in reactie op een Vlaams "dictaat" (een Vlaamse Grondwet gekoppeld aan een gedeeltelijke "defederalisering" van de ziekteverzekering) de federale Unie opsplitsen. Vermoedelijk zullen de beide staten voogdij uitoefenen op Brussel, dat een 'Europees district' wordt. Het valt te verwachten dat Limburg zich aansluit, vroeg of laat, bij Nederland en dat Luxemburg en het Groothertogdom, wellicht ook met de Oostkantons één staat zullen vormen. Rompvlaanderen en romp-Wallonië zullen dan resp. bij Nederland en Frankrijk aansluiten. Dat dit de Europese stabiliteit op losse schroeven zet is duidelijk. Staten zoals Frankrijk (Corsica, Bretagne) en Spanje (Baskenland, Catalonië), het Verenigd Koninkrijk (Schotland, Wales) enz. zullen wellicht in een nationalistische golf worden meegesleurd. De Europese Unie kan, dat is duidelijk, dit nooit overleven. Daarom zal ze ook druk leggen op België om niet te splitsen. In die zin is wat er zich vandaag in ons land afspeelt een gebeuren van wereldhistorische betekenis. Valt België uiteen, dan vervalt Europa in één der meest duistere periodes uit zijn geschiedenis, kunnen we echter van België een harmonische modelstaat maken, dan is een voorbeeld voor Europa, ja zelfs voor de wereld gesteld. Er staat dus veel meer op het spel dan een louter binnenlands probleem. Bruno Yammine |
| [Ga terug] |
| Publicatie |
| Voetbalploegen, ministers en Vlaamse Natievorming Het is een drukke week geweest in de Vlaamse Raad. Ludo Sannen stapt op, Jef Tavernier doet zijn rentree in de politiek. Bart Somers moet de – terechte – kritiek van de oppositie, betreffende het gaan en komen van ministers trotseren. Het antwoord van de minister-president is een hart onder de riem voor de B.U.B. Voor de heer Somers is het besturen van een belangrijk deel van ons land – hij spreekt trouwens over ‘zijn land’ – namelijk niet meer als het besturen van een voetbalploeg. Het Vlaams-Nationalisme – wat hij toch koestert – blijkt voor hem niet meer te zijn als een spel. Het voordeel van spelletjes is dat mensen ze beu worden, saai gaan vinden, en gaan vergeten. Het is anderzijds maar zeer te vraag wie deze ‘voetbalploeg’ gaat leiden, en of hij het beter zal doen als de voorzitter van KV-Mechelen… Iedereen weet dat in het voetbal ploegen kunnen stijgen, maar vooral kunnen vallen, en in degradatie heeft niemand zin...
|
| [Ga terug] |
| Publicatie |
| Een laat Valentijnsdiner Het is de N-VA eindelijk doorgedrongen dat er in België geen toekomst bestaat voor separatisme. Het kartel CD&V - N-VA was dan ook te verwachten. Nochthans beloofde Geert Bourgeois, in zijn verkiezingsspot van 18 mei 2003 geen verbintenissen met grote partijen te zullen aangaan. "Dan is er geen rechtlijnige Vlaamse partij meer, en die is er nu meer dan ooit nodig", aldus Bourgeois. Waait er nu een separatistische wind door het confederalistische CD&V? Natuurlijk niet. De publicatie van Yves Leterme en Geert Bourgeois verklaart dan ook heel veel: "CD&V en N-VA kiezen voor een doorzichtige staatsinrichting met de Vlaamse en Franse gemeenschap als basispijlers en met één leidraad voor de verdeling van bevoegdheden" Het separatistische erfgoed lijkt in rook te zijn opgegaan. Het tijdstip van dit huwelijk is uiterst gunstig. De laatste peilingen waren wat de N-VA betreft onheilspellend, en met de verkiezingen in het verschiet, wilden ze hun politieke toekomst veilig stellen. De Belgen kunnen er eens goed om lachen !
|
| [Ga terug] |
| Publicatie |
|
De para's Aan Minister van Landsverdediging, Meneer Flahaut, Uit verschillende mediaberichten hebben we het droevige nieuws mogen vernemen dat U, via het nieuwe stuurplan voor Defensie, de Brigade Para-Commando wenst af te schaffen. Wij, als bezorgde burgers, kunnen ons niet vinden in deze maatregel en wensen er via dit schrijven op aan te dringen dat U uw beslissing hier rond wil herbekijken. We wensen onze steun uit te spreken voor het harde werk van onze elitesoldaten en ons respect uit te spreken voor de korpsgeest, dewelke hen tot de meest bekende en meest gerespecteerde eenheid van het Belgische leger heeft gemaakt. De afschaffing van de Brigade Para-Commando lijkt ons een zeer ernstige vergissing en zal de goede reputatie van ons leger in het algemeen ernstige schade toebrengen. |
| [Ga terug] |
| Publicatie |
|
Superboetes en camera's: van het goede teveel? We kunnen er tegenwoordig niet meer langs kijken of niet van gehoord hebben:de vele Belgische overheden binden de strijd aan tegen de verkeersovertredingen via een wet die zeer zware boetes instelt en op 1 maart 2004 van kracht wordt en het neerplanten vooral in het dichtbevolkte noorden van het land) van onbemande camera's die de snelheid opnemen. De auto nemen op zich wordt straks nog een overtreding, want zeg nu zelf, een boete krijgen als je door het oranje rijdt - een stand van de lichten die maar drie seconden duurt terwijl remmen dan dikwijls al te laat is -, is overdreven evenals de superboetes die je krijgt wanneer je tien kilometer sneller rijdt dan de maximumsnelheid, die dikwijls reeds relatief laag is. De B.U.B. kant zich tegen deze ongebreidelde beperkingen van de vrijheid van de Belgen. Natuurlijk is verkeersveiligheid voor ons belangrijk, maar heeft men wel naar alternatieven willen zoeken? Het plaatsen van verkeersdrempels aan gevaarlijke kruispunten i.p.v. camera's of technische ingrepen in de wagens zelf die de maximumsnelheid beperken tot bijvoorbeeld 140 km per uur brengen misschien niets op, maar het is minstens even efficiënt om de snelheid van de auto's te doen dalen en bovendien veel goedkoper en esthetischer. Ronde punten zijn een andere elegante, hoewel duurdere oplossing voor die gevaarlijke kruispunten. Het openbaar vervoer krijgt nog te weinig middelen om zijn nationale rol te vervullen als veilig én snel vervoermiddel. Bovendien is de kosteloosheid die meer en meer wordt toegepast niet gunstig voor de financiële gezondheid van de vennootschappen die het openbaar vervoer beheren en de burger zal het verlies uiteindelijk toch moeten bijpassen. Het ontbreekt de particratie duidelijk aan creativiteit als het op daden aankomt. Maar hoe kan het ook anders als je als politicus door het absolute monopolie op de media en de partijfinanciering toch quasi automatisch zeker bent van de verlenging van jouw politieke mandaat na de verkiezingen. Zo niet verander je gauw van postje. Er zijn er toch genoeg dankzij de "heilzame" staatshervormingen... |
| [Ga terug] |
| Publicatie |
|
Het politieke landschap In het interview met de ondervoorzitter van de N-VA (DS 27 & 28/12/03) zegt de man dat hij Filip Dewinter graag een Belgische vlag zou zien hijsen die iedereen haat. Naast deze blijk van een zekere wil tot een soort zelfdestructie begrijpt hij ook niet wat de helft van 'rechts Vlaanderen' (CD&V, VLD) bezielt om het cordon sanitaire verder in leven te houden. Verder spuwt hij kritiek op de 'linkse' kant van het politieke landschap. Zijn beschrijving van het politieke landschap is echter niet adequaat. Of het nu uit onwetendheid is, of integendeel doelbewust, hij laat bepaalde strekkingen onvermeld. Twee strekkingen om precies te zijn. Sterker nog: twee strekkingen die geïncorporeerd worden in één partij. Welke zijn deze twee strekkingen? Ten eerste de 'centrumstrekking'. De N-VA-ondervoorzitter vergeet dat er in de links-rechtspolarisatie van de politiek ook partijen zijn die zich recht in het centrum bevinden. De tweede strekking vermelden zou de Vlaams-nationalistische partijen schade berokkenen. Het is namelijk een pro-Belgische strekking. Misschien is toch enige nuancering nodig. Met pro-Belgisch wordt niet bedoeld een terugkeer naar het unitarisme ten tijde van 1830. Pro-Belgisch houdt in dat men pleit voor een Nationale Belgische Staat, waarin de drie taalgemeenschappen (en de bescherming van de gemeenschappen) als dusdanig zijn in geïnstitutionaliseerd, met eventueel een tweetalige gemeenschap Brussel-Hoofdstad. De partij die deze strekkingen tot de hare rekent is de Belgische Unie / Union belge, afgekort B.U.B. Het is m.i. interessant om aandacht te besteden aan deze partij. En wel om diverse redenen: 1/De partij is een (democratische) centrumpartij en 2/ een pro-Belgische partij. 3/De partij telt in haar raad van bestuur zowel jongeren, gepensioneerden en dertigers, veertigers, vijftigers. De hele leeftijdspiramide wordt direct vertegenwoordigd (met uitzondering van de zuigelingen, peuters en kleuters, maar de ouders van deze categorieën zijn wel vertegenwoordigd) 4/Aandacht besteden aan de B.U.B. houdt ook een verruiming van het politieke landschap in: de kiezer kan zo misschien een partij vinden die hem of haar echt ligt. Willem DEMONIE |
| [Ga terug] |
| Publicatie |
|
Open brief aan alle Vivant-leden De Belgische Unie Union Belge betreurt het feit dat Vivant haar ideologie overboord heeft gegooid ten voordele van een plaatsje in de Vlaamse Raad.We zijn er ook van overtuigd dat een groot deel van de aanhang van Vivant niet te vinden is voor een soortgelijk kartel. Deze mensen zijn nu politiek dakloos, en de Belgische Unie Union Belge heet al deze mensen van harte welkom in haar rangen. Cedric Vloemans Ondervoorzitter Antwerpen |
| [Ga terug] |
| Publicatie |
|
|
| [Ga terug] |
| Publicatie |
|
Geen splitsing werkloosheidsuitkeringen, maar een daadkrachtig federaal beleid Een veelgehoorde wens van (Vlaams-)nationalisten en regionalisten is de (minstens gedeeltelijke) splitsing van werkloosheidsuitkeringen in België.
De premisse is de zogenaamde onoverkomelijke kloof tussen noord en zuid in België, waardoor het noodzakelijk zou zijn om voor beide landsdelen een apart beleid te voeren inzake werkgelegenheid en werkloosheid. Opvallend is dat men steeds het Vlaamse en Waalse gewest vergelijkt met Europese staten. Dat is een nogal perfide denkpiste. Zo zou men ook het arme Duitse land Brandenburg (ex-DDR) qua werkgelegenheid kunnen vergelijken met het rijke Zweden en daaruit de nodige conclusies trekken in het nadeel van de Duitse bondsstaat.
Volgens hen zou het Waals gewest de rode lantaarn van Europa zijn, terwijl het Vlaams gewest een economische koploper zou zijn. Dat is erg betwistbaar. Niet alleen verdient de werkende bevolking in het Waals gewest volgens de statistieken van de FOD Economie quasi evenveel als de werknemers in het noorden van het land - en de vrouwen zelfs méér -, maar bovendien valt het moeilijk in te denken dat de verschillen tussen bijvoorbeeld de oude Duitse Bondsrepubliek en de ex-D.D.R. niet veel groter zijn dan die tussen het Vlaamse en Waalse gewest. In Duitsland heeft men na de hereniging in 1990 belangrijke financiële steun gegeven aan het oosten teneinde de kloof te dichten. Het Duitse beleid wordt bovendien méér en méér centralistisch opgebouwd. In Oostenrijk, toch een federaal land valt dezelfde tendens onmiskenbaar op. Ook landen zoals Italië en Frankrijk kennen belangrijke verschillen in economische ontwikkeling tussen bepaalde landsdelen zonder dat in die landen de unitaire staatsstructuur in vraag wordt gesteld. De auteur geeft trouwens expliciet toe dat de Italiaanse verschillen groter zijn dan de Belgische.
In België is er sinds de creatie van de gewesten in 1980 en hun latere bevoegdheidsuitbreiding, ook op fiscaal vlak, veel minder economische solidariteit. De solidariteit op vlak van sociale zekerheid is slechts interpersoneel en lost de structurele economische problemen dus niet op. Zo riskeren de verschillen alleen maar groter te worden, wat trouwens de wens is van sommigen.
Men mag ook niet vergeten dat de zeehavens van Antwerpen en Zeebrugge veel werkgelegenheid naar zich toe trekken evenals de nationale luchthaven van Zaventem. Dat het zuiden die voordelen niet heeft, is niet de fout van dit lansdeel, te meer daar die noordelijke economische polen tot stand zijn gekomen met nationaal geld in de 20ste eeuw.
Bovendien zou het Vlaams gewest moeten weten dat het zelf alle baat heeft bij een economisch sterk Waals gewest (zgn. Marshall-effect). Hoe meer koopkracht de Zuid-Belgen hebben, hoe meer zij ook in het noorden van België producten zullen kopen. In dezelfde zin heeft ook de Europese Unie tot streefdoel de economische verschillen tussen de lidstaten weg te werken. Het is dan moeilijk verdedigbaar op Belgisch vlak het omgekeerde te willen doen.
Vaak heeft men het over superieur onderwijs in de Vlaamse gemeenschap (en dus zou men aldaar over meer toegang tot de arbeidsmarkt beschikken). Men verwijst dan bijvoorbeeld naar de PISA-enquête van de OESO m.b.t. het onderwijs maar de conclusies zijn echter vaag en onsamenhangend. Het Vlaams onderwijs is koploper in de EU inzake de kennis van 15-jarigen in tegenstelling tot het Franstalig onderwijs. De vraag is dan wel wat de relevantie van deze kennis is voor de latere arbeidsmarkt en wat kennis eigenlijk inhoudt: boekenwijsheid, intelligentie, spreekvaardigheid?
Nationalisten schijnen tevens bekommerd om de verschillen tussen de gewesten. Men kan zich terecht afvragen waarom. Indien men deze verschillen echt zou willen wegwerken, zou hij tot het logische besluit moeten komen dat zij juist het gevolg zijn van alle splitsingen die ons land gekend heeft. Hoe meer men splitst, hoe meer verschillen men creëert en omgekeerd. Een vicieuze cirkel dus.
Anderzijds vindt men dan weer dat het een goede zaak is dat de arbeidsbemiddeling in gewesthanden is gelet op dezelfde verschillen tussen de gewesten. Een rationele geest zou deze twee bevoegdheden samen brengen bij één overheid en zelfs bij één minister. Dat zou immers veel efficiënter zijn dan een systeem zoals dat van vandaag met 4 ministers (3 regionale en 1 federale) die elkaar voortdurend voor de voeten lopen of geen rekening houden met elkaar.
Het Waalse gewest doet meer inspanningen doet dan het Vlaamse inzake het begeleiden van het zoeken van jongeren naar een job. Volgens verscheidene nationalisten zou dat komen omdat er juist méér jongerenwerkloosheid is in het zuiden dan in het noorden van het land. Dit lijkt juist het bewijs dat men in het zuiden van het land ook inspanningen doet om de crisis aan te pakken, iets wat men in Vlaams-nationale kringen nogal eens durft te betwijfelen.
Opvallend is dat het Brussels Gewest in deze discussie (meestal) totaal wordt vergeten. Het mag alleen in het nieuws komen wanneer er bepaalde problemen zijn die de Nederlandstaligen kunnen raken, zoals taalproblemen, maar die worden steeds zeldzamer.
Andere relevante territoriale indelingen zijn de provincies. Men doet echter bewust of onbewust geen moeite om de werkgelegenheidsgraad tussen Nederlandstalige provincies onderling te vergelijken. De conclusies zouden wel eens verrassend kunnen uitvallen. Zo bleek uit een overzicht van de Belgische economie, dat de krant De Standaard begin dit jaar publiceerde, dat Brabant gelijke inkomens heeft en dat Zuid-West-Vlaanderen economisch gezien op hetzelfde niveau staat als Henegouwen. In die context is een Vlaams of een Waals beleid dan ook totaal onaangepast.
Anderzijds tonen de collectieve ontslagen in fabrieken zoals in Ford-Genk aan dat de gewesten niet in staat zijn om een stevig economisch beleid te voeren omdat dit beleid te versnipperd is. Een macro-economische aanpak vereist een schaalvergroting op politiek vlak en in die zin zijn de Belgische staatshervormingen dus een serieuze stap achteruit.
Indien lokale of sectoriële verschillen dan toch specifieke oplossingen vergen, kan men altijd decentraliseren op die niveaus via caos en dergelijke. Het zou echter goed zijn één nationale controle te voorzien om een chaotische reglementering, zoals we die vandaag kennen tussen de gewesten, te vermijden.
In die zin kadert een niet-nationalistische Belgische visie dan ook in een algemene bezorgdheid om zorgvuldig en dus spaarzaam en overzichtelijk bestuur. Dit vereist één beslissingsniveau, het nationale, abstractie gemaakt van de Europese bevoegdheden. Het is zeker nog niet te laat om één en ander recht te zetten en een einde te maken aan onze soms absurde, dure en inefficiënte federale of zelfs confederale staatsstructuur zonder te vallen in Vlaams- of Waals-nationale reflexen. |
| [Ga terug] |
| Publicatie |
|
Verbod op Vlaams Blok? Sedert de zgn. Zwarte zondag in 1991 is het Vlaams Blok er electoraal steeds opnieuw fors op vooruitgegaan. Als ultieme belichaming van het xenofobe volksnationalisme, onder het laagje cultuurbescherming krijgt de partij steeds meer aanhang in het noorden van het land. Liefst 750.000 mensen hebben op het Vlaams Blok gestemd vorige verkiezingen. Waarom is dit onrustwekkend? Het eerste antwoord dat men vaak hoort is dat het Vlaams Blok een antidemocratische partij is. Alvorens we tot deze conclusie kunnen komen, dienen we eerst en vooral wel te omschrijven wat antidemocratisch is. In de meest strikte zin van het woord is elke partij die aan de verkiezingen deelneemt democratisch. Vandaar is het best het Vlaams Blok te omschrijven als een antiparlementaire partij. Officieel huldigt de partij in haar programma wel een democratische ethiek, doch het is slechts een laagje vernis.De historische evolutie van het (rechts)Vlaamsnationalisme toont aan dat het geënt is op een vreemdelingenhatend discours. Zo ontstond het Vlaams Blok uit kernen van de paramilitaire Vlaamse Militanten Orde (VMO), fascistische bewegingen als Voorpost, Were Di, Hertog Jan Van Brabant, Het St-Maartensfonds... Kortom: de uiterste rechterzijde van de Vlaamse beweging die zich door de softe VU eind jaren 70 verraden voelde.
Nu het Vlaams Blok zijn plaats heeft tussen de grote partijen is het discours gematigder geworden. Koen Dillen (familie van-) en bij de verkiezingen jl. opvolger voor het VB op de Kamerlijst in Antwerpen verwoordde het in de jaren 80 zo: Om het voortbestaan van onze cultuur en van ons volk als organische eenheid te verzekeren, komt het erop aan om het ras zuiver te houden (...) In een zuiver en zelfbewust Germaans volk zullen vrede, trouw en eer herleven, want eens de oosters-decadente invloeden verdwenen zijn, zal dat volk vanzelf terugkeren naar zijn eigen aard (...) Daarom is onze nationalistische strijd een strijd tegen vreemde invloeden (...) waarin geen genade mogelijk is, want het is een strijd op leven en dood.
Deze zinsnede vat perfect samen waar het Vlaams Blok voor staat: een nationalistische, racistische en anti-Westerse partij. Hoezo anti-Westers? Inderdaad keert het VB zich paradoxaal genoeg tegen de hoogste Westerse cultuurwaarden zoals barmhartigheid en medeleven. Enkel het eigen volk staat centraal- zo centraal zelfs dat andere volkeren die de homogeniteit van dat volk kunnen aantasten, moeten gebannen worden.
Vandaar het beruchte 70-puntenprogramma, dat een belangrijke kern van de VB-ideologie samenvat: de strijd tegen de multiraciale samenleving. Vandaag zegt het VB wel eens dat ze tegen de multiculturele samenleving zijn. In feite zijn ze tegen wat zij althans beschouwen als -de multi-ethnische of multi-raciale samenleving. Vandaaruit bouwt het Vlaams Blok zijn vijandbeeld op: het politiek-correcte establishment (later meer). Of, om het met F. Dewinter te zeggen: De integratie- en assimilatiepolitiek gevoerd door de overheid leidt onvermijdelijk naar een multi-raciale en pluriculturele maatschappij. Het was ook dezelfde Filip Dewinter die in 1992 verklaarde in een (beruchte uitspraak) dat de UVRM ondergeschikt is aan het principe van eigen volk eerst... Wanneer we dit vergelijken met het eerder gepubliceerde stukje van Koen Dillen is er inderdaad een interessante en treffende parallel merkbaar: de strijd moet rücksichtloss, zonder genade gevoerd worden.
Wie belichaamt dan de vijand? Allereerst de moslims, in casu de allochtonen in ons land. De moslims zijn schuldig! om de nazistische frase de joden zijn schuldig! te parafraseren. Het bestaan zélf van allochtone bevolkingsgroepen in het Vlaams Gewest is voor het VB een doorn in het oog. Niet dat er teveel zijn, niet omdat ze niet werken/ons werk komen afpakken (!). Deze allochtonen vinden voor het VB hun natuurlijke bondgenoot in het socialisme. Inderdaad pleitten de socialisten in vorige decennia voor een immigratie/integratiepolitiek maar er is meer.
De socialisten zijn bij uitstek in de ogen van het VB verdorven omdat ze de belichaming vormen van een door de rede geconstrueerde maatschappij, het Verlichtingsideaal haaks staande op de organische, volkse samenleving die het VB wenst. De socialisten vormen samen met de andere regeringspartijen (of het nu Agalev, CD&V, VLD of SP.a was, veel verschil maakte het allemaal niet uit-Congresclip, de zgn. politiek-correcte lakeien van het regime. Net zoals de nazis in de jaren 30/40 verbindt het Vlaams Blok ook al zijn vijanden tot één grote. En waar indertijd joden, communisten en kapitalisten kop van jut waren zijn het vandaag allochtonen, socialisten en liberalen- en bij uitstek eigenlijk alle partijen. De strijd immers die het VB uitvecht is géén politieke strijd. Het is een strijd met politieke middelen die niet over politiek gaat. Politiek immers, zal altijd bestaan in een democratisch systeem, maar het is net dàt systeem dat het VB voortdurend in haar propaganda als verdorven afschildert. Het Vlaams Blok respecteert inderdaad op grotere schaal- de eigenheid van (sommige) volkeren, maar ze respecteert niet het anders-zijn. Wat ons bij het laatste punt brengt: het VB is een separatistische partij. Zij belichaamt de maximalistische vleugel binnen de Vlaamse Beweging, wier enig compromis erin bestaat België, dat toonbeeld van decadentie te vernietigen. Dat is de eigenlijke bestaansreden van het VB. Het Waalse, en dus Romaanse element wordt niet in staat geacht om samen te leven, laat staan te besturen met het Germaans-Vlaamse element. Door de jaren heen heeft het, deels uit opportunisme, deels uit waarachtige democratische bekommernis klachten geregend tegen het VB. De partij speelde hier telkens weer, zeer handig trouwens, op in door zich in de slachtofferrol te duwen en een zoveelste paradox te gebruiken: De ondemocraten willen de echte democratie (=het Vlaams Blok) de mond snoeren.
Iedereen met het minste historisch besef ziet zo de parallel tussen de meest macabere periode van de laatste 200 jaar Europese geschiedenis en de betrachtingen van het Vlaams Blok. Er is geen enkel doorbreken van de koord die tussen 1933 en 2003 loopt in het rechts-radicalisme. De enige oplossing die wérkt is het VB te ontmantelen, nu het nog kan. |
| [Ga terug] |
| Publicatie |
|
Het ziet er goed uit! Beste vrienden, het ziet er goed uit voor de N-VA! Deze partij organiseert namelijk bijna dagelijks overwinningscongressen waarop keer op keer de onafhankelijkheid van de Vlaamse regio wordt voorspeld! Dit werd ook al duidelijk door de vele Vlaams-nationalisten hier op het forum die keer op keer zeggen dat de onafhankelijkheid nadert! Hier volgt een overzichtje van concrete feiten waaraan we kunnen merken dat België binnenkort niet meer bestaat!! 1. De rubriek geschiedenis In 1917 riep de Raad van Vlaanderen, een bende collaborateurs, de onafhankelijkheid van het Nederlandstalige deel van België uit. Die onafhankelijkheid werd echter snel beëindigd, en de bevolking bleef zoals altijd gehecht aan het Belgische vaderland. Daarna werd elk jaar een Ijzerbedevaart georganiseerd waarop steeds de onafhankelijkheid werd voorspeld. In 1940 zagen de Vlaams-nationalisten weer een kans en ijverden voor de onafhankelijkheid van Vlaanderen binnen het Duitsche Reich. Dit mislukte echter, mede dankzij de glorierijke Verzetsstrijders en Patriotten. In 1991 riep de Vlaamse VolksBeweging dat het tijd was voor onafhankelijkheid, en later riep ook Lionel Vandenberghe (komen we later nog op terug) op de Ijzerbedevaart "Waalse vrienden, laten we scheiden!" Conclusie: sinds 1917 roepen Vlaams-nationalisten dat Vlaanderen spoedig onafhankelijkheid zal verkrijgen. In 2003 doen ze dat nog steeds, echter zonder enig resultaat. 2. De rubriek interimkantoren. In 2003 stapt de Voorzitter van de Vlaamse Executieve, Patrick de Wael over naar de Federale Regering, en geeft meteen het voorbeeld voor anderen dat de Vlaamse 'regering' slechts een interimkantoor is. Verscheidene N-VA'ers geven teksten uit waarin die term staat. De VLD en Agalev beslissen dan ook al hun bekende gezichten in de Vlaamse 'regering' te vervangen door nobele onbekenden, waaronder Adelheid Byttebier, lid van de vzw B Plus... ook zij zal de onafhankelijkheid niet naderbij brengen. 3. De rubriek nutteloze instellingen. Vandaag (8.11.03) horen we op het nieuws dat de Federale Regering beslist heeft dat de fiscale amnestie er komt, wat de Vlaamse Raad ook zegt. Die zelfde dag nog horen we de Premier verklaren dat er provinciale kieskringen komen voor de Vlaamse verkiezingen, ook al is er in het Vlaamse 'parlement' geen meerderheid, dan zal het Federale Parlement het wel doen. 4. De rubriek Vlaams-realisme. Volgens de Vlaams-nationale partijen recupereert de Federale regering stelselmatig bevoegdheden. Een N-VA tekst, getiteld "De Contra-Reformatie is begonnen" eindigt met de woorden "Wedden dat we binnen 10 jaar weer zullen moeten betogen 'Unitair Nee, Federaal ja!'?" 5. De rubriek 'het volk' Uit elke enquête die er tot nu toe is uitgevoerd, bleek dat de overgrote meerderheid van de Vlamingen tegen onafhankelijkheid is, ondanks het feit dat de Vlaams-nationalisten al 90 jaar niets anders doen dan daarom schreeuwen. 6. De rubriek gevallen Vlaams-nationale leiders. Lionel Vandenberghe, die zijn uitspraak "Waalse vrienden, laten we scheiden" tien jaar later aanpaste naar "De Vlaamse republiek is cafépraat" is een prachtig voorbeeld van een man die inzag dat strijden voor een onafhankelijk Vlaanderen een totaal verloren strijd was. Hij is echter niet alleen. Zijne excellentie Hugo Schiltz stopte zijn fanatiek Vlaams-nationaal gebral en verving het door "Leve België". De goede man werd minister van Staat. Luc Van den Brande hoopt kennelijk weer op een regeringszitje, want de man die "dag en nacht aan Vlaanderen denkt" zei onlangs dat "onafhankelijkheid niet noodzakelijk moest." Bert Anciaux, ook een vroeger flamingant zei in zijn 11-juli-rede dan weer dat België een enorme verrijking was. Eerder had hij al gezegd dat hij de Koning en Prins Laurent zo'n enorm sympathieke mensen vond, en dat hij van de nachtvluchten geen communautair dossier wilde maken. Vlaams-nationalisme noemde hij overigens een (jeugd)zonde... 7. De rubriek splitsing bevoegdheden. Marc Verwilghen, minister van Ontwikkelingssamenwerking, verklaarde onlangs dat er niemand die ernstig kan genomen worden, nog voor de splitsing van zijn departement is. Echter, de Vlaamse regering heeft nu de enorme verantwoordelijkheid gekregen om zelf filmrolletjes in onbemande camera's te stoppen. 8. Conclusie. De onafhankelijkheid is nog niet voor morgen, en waarschijnlijk voor nooit meer, MAAR: Ze zullen hem niet temmen, de fiere (?!) Vlaamse Leeuw...
Bob Vangeel
|
| [Ga terug] |
| Publicatie |
|
Stemrecht voor vreemdelingen Het Parlement en de Senaat spelen in België een belangrijke, wetgevende rol. Of beter: ze zouden dat moeten spelen. De discussie over het al-dan-niet verlenen van het stemrecht voor allochtonen toont aan op welke manier de rol van de wetgevende macht misbruikt kan worden. Hugo Coveliers (VLD) wil bepaalde procedures, zoals de alarmbelprocedure (ingeroepen wanneer één taalgroep zich volkomen oneens acht met de andere) om het vreemdelingenstemrecht te blokkeren inroepen. Eerder wilde men de zaak al regionaliseren, zover kwam het gelukkig niet. De VLD wil scoren bij de volgende verkiezingen, zoveel is duidelijk. En in het federale parlement raken ze niet aan een 2/3e meerderheid om hun slag thuis te halen, dus worden er andere middelen bijgehaald. Het parlement buitenspel zetten? Een regeringscrisis uitlokken? Het moet allemaal kunnen. Ondertussen voert het Vlaams Blok met opzichtige posters een campagne tegen het vreemdelingenstemrecht, die regelrecht provocerend is. Volgende verkiezingen zullen de andere partijen (zoals gewoonlijk) wederom klagen dat het Blok vooruitgaat. Wat wil je? Het Belgisch systeem zonder federale partijen en met quasi-jaarlijkse verkiezingen is een aanfluiting voor de democratie. Schaf de deelparlementen en regeringen af en plaats de wetgevende macht waar ze hoort. |
| [Ga terug] |
| Publicatie |
|
Het politiek-profitariaat van België Een veel gebruikt argument in verband met de gewesten in België is dat het Waalse gewest profiteert van het Vlaamse gewest . Reeds herhaalde malen is echter door onafhankelijke bronnen aangetoond dat dit een mythe is . Er is wel een ander soort van profiteurs in België . Het zijn de heren politici die de plak zwaaien in de verschillende parlementen die ons land rijk is . Ja , ze hebben het goed voor elkaar , de heren politici van de grote partijen . Jaren lang hebben ze de Belgische staat steeds meer opgedeeld in allerhande nutteloze constructies die de staatskas plunderen en waar telkenmale weer , tijdens het begrotingsoverleg , over gezwegen word . Op dit ogenblik wordt België , een land van 10 miljoen inwoners , geregeerd door 6 , ja , u leest het goed , 6 regeringen . Er zijn de federale regering , de Vlaamse , Waalse en Brussels gewestelijke regeringen . En dan is er nog de Franstalige gemeenschapsregering en de regering van de Duitstalige gemeenschap . Als dit nog een beetje verder gaat komen we ooit misschien terecht in een land met tien regeringen . Die natuurlijk allemaal vet betaald moeten worden en van bepaalde voordelen kunnen genieten . Behalve zes regeringen telt België ook nog 3 parlementen , 10 provincieraden en gouverneurs. En die moeten allemaal goed betaald worden . Laatst besliste men nog het vakantiegeld van al deze parlementariërs wat op te trekken , teneinde hen toe te laten zich ook eens te kunnen verwennen met een extraatje . Een buitenverblijfje in Toscane bijvoorbeeld . Deze staatsconstructie wordt betaald met het geld van de gewone belastingbetaler , die daarmee een soort politiek-profitariaat onderhoud dat er door het handig manipuleren van de publieke opinie en media er toch in geslaagd is zich te laten herverkiezen en zijn geprofiteer aldus verder kan zetten . Meer nog , dat van plan is zijn geprofiteer nog uit te breiden door middel van een verder ontmantelen van de Belgische staatsstructuur .Vlijtig ja-knikkende medewerkers kunnen dan weer beloond worden met postjes op kabinetten die in principe totaal overbodig zijn maar de gewone man , Belg , Vlaming , Waal , Duitstalige of Brusselaar , fortuinen kosten . Alles gaat altijd goed totdat de begrotingscontrole aanbreekt . Dan zit men met de haren in het haar en gaat men over tot handelingen die later als een boemerang terug zullen slaan op de staatskas . In de hoop de begroting in evenwicht te krijgen doet men dan dingen zoals het overhevelen van het pensioenfonds van Belgacom , wat dan later onherroepelijk zijn weerslag zal hebben op de volgende begroting .Verder snoeit men dan nog in allerhande uitgaven , gewoonlijk de uitgaven die normaal ten goede komen van de gewone man en draait het dan zo uit dat er nog een klein overschotje is waardoor we in de goed-nieuws-show weer een breed glimlachende Verhofstadt zien die stelt dat het nog nooit zo goed ging in ons land . Met hem en zijn politiek-profitariaat gaat het inderdaad heel goed , met de rest daarentegen …
|
| [Ga terug] |